Excursie naar Neuss op 31 augustus 2026 

Na onze succesvolle excursie dit voorjaar naar Dordrecht gaan we de laatste dag van augustus naar Duitsland.

De aanstaande excursie brengt ons namelijk naar Neuss, een van de oudste steden van Duitsland én sinds kort een partnerstad van Weert.

Neuss kent een geschiedenis die meer dan 2.000 jaar teruggaat. Al in 16 v.Chr. stichtten de Romeinen hier het legerkamp Novaesium. Dankzij de gunstige ligging aan de Rijn ontwikkelde de stad zich tot een belangrijk handelscentrum. Tijdens een historische stadswandeling (Duits sprekende gidsen) ontdekt u de vele monumenten en verhalen die herinneren aan dit rijke verleden.

Na de lunch op eigen gelegenheid staat een bezoek aan de Landesgartenschau 2026 op het programma. Deze tentoonstelling laat zien hoe natuur, bloemen, tuinarchitectuur en duurzaamheid samenkomen in een kleurrijk park vol inspirerende tuinen, kunst en recreatie. Een feest voor iedereen die van bloemen en groen houdt.

Het hoogtepunt van de dag is het Neusser Bürger Schützenfest, een traditie die sinds 1823 jaarlijks wordt gevierd en behoort tot de grootste schuttersfeesten van Duitsland.

Vanaf de tribune beleven we de indrukwekkende optocht met talloze schutters in kleurrijke uniformen, bloemen, muziekkorpsen en ruiters. De unieke combinatie van eeuwenoude tradities, gastvrijheid en feestelijke sfeer maakt dit evenement tot een bijzondere belevenis. Na de optocht is er nog voldoende vrije tijd om de kermis, het bruisende stadscentrum of het schuttersfeest verder te verkennen, voordat we aan het begin van de avond huiswaarts keren. Wij wensen u een gezellige en onvergetelijke dag toe, vol historie, bloemenpracht en schutterstradities!

Overzicht van het programma  

08.00 uur :Vertrek vanuit Weert, Sint Jozefskerkplein 3. Keent

08.20 uur: Vertrek vanuit Thorn, parkeerplaats sportpark Ter Koel, Ittervoorterweg 51

09.30 uur: Aankomst in Neuss

09.45 uur: Koffie/thee en versnapering

10.30 uur: Historische wandeling met gidsen

12.30 uur: Lunch en bezoek op eigen gelegenheid  Landesgartenschau 2026

15.45 uur: Vanaf tribuneplaatsen optocht Neusser Bürger Schützenfest 2026 aanschouwen

17.00 uur: Vrije tijd om de kermis, stad of schuttersfeest te bekijken en iets te eten

18.30 uur: Vertrek naar Weert en Thorn. Wees dus op tijd bij de vertrekplaats

19.30 uur: Verwachte aankomst Thorn.

20.00 uur: Verwachte aankomst Weert

Genoemde tijden en programmavolgorde zijn bij benadering.

Deelnamekosten en aanmelding

Deelnemers die lid zijn van het LGOG, vriend van de Aldenborgh of lid van de GHK “Het Land van Thorn”, betalen een bedrag van € 58,00; niet-leden/vrienden betalen € 70.00.

In de deelnemersbijdrage zijn begrepen: de kosten van de bus, koffie/thee met versnapering, begeleide Duitstalige stadswandeling Neuss, entree Landesgartenschau 2026, tribuneplaatsen, fooi voor de chauffeur.

De aanmelding voor deelname aan de excursie dient te geschieden door overschrijving van het deelnamebedrag op bankrekening IBAN NL31 RABO 0176 968 3 34 ten name van stichting De Aldenborgh.

Uw betaling geldt als aanmelding. U dient bij de omschrijving duidelijk te vermelden: 

1) Na(a)m(en) van de deelnemer(s) 

2) Neuss

3) Uw opstapplaats

Er zijn voor deze excursie 54 plaatsen beschikbaar. Bij overboeking hanteren we de volgorde van aanmelding. Gezien de te verwachten belangstelling is aanmelding per omgaande aan te bevelen. Doe het dus liever vandaag dan morgen, maar in elk geval voor 21 augustus a.s. 

Als u na aanmelding/betaling om de een of andere reden alsnog moet afzien van deelname en de organisatie geen deelnemers op de wachtlijst heeft staan, dient u zelf voor vervanging te zorgen.

Teruggave van de deelnemersbijdrage is niet van toepassing.

Deze excursie is namens het L.G.O.G, Kring Weert, de Aldenborgh en de Geschied- en Heemkundige Kring “Het Land van Thorn” georganiseerd door Peter Korten. Bereikbaar onder telefoonnummer 06-53284665.

Deelname geschiedt voor eigen risico. De organisatie is niet aansprakelijk voor schade of verlies. Tijdens de excursie kunnen opnamen gemaakt worden voor publicatie.

Wij wensen u voor 31 augustus a.s. een heel leerzame en aangename excursie toe.

Gluren bij de buren in Lozen, 21 juli 2026

Foto’s en tekst: Wil Filot

Op de 21ste juli hadden zich zo`n 270 liefhebbers van regionale cultuurhistorie begeven naar Lozen voor de tweede “Gluren bij de buren” van de editie 2026 van de cultuurhistorische zomer.  

Deze dag was voor de Belgische deelnemers wel heel bijzonder. Niet alleen was het de nationale feestdag in België, maar Remco Evenepoel had ook de tijdrit in de Tour de France gewonnen. “Gluren bij de buren “ in Lozen voelde voor hen als de spreekwoordelijke kers op de taart.  

De deelnemers werden in de Sint Benedictuskerk ontvangen. Het aantal zitplaatsen in de kerk was niet toereikend voor het grote aantal bezoekers. Alle stoelen en banken, ook in de zijbeuken, waren bezet. Een aantal deelnemers moest zich tevredenstellen met een staanplaats achter in de kerk. Passend in deze omgeving werd ook kort het orgel bespeeld. Dit grote aantal deelnemers is een bewijs dat het beproefde concept na 20 jaar nog steeds actueel is en veel belangstellenden uit de wijde omgeving trekt. 

Een volle Benedictuskerk in Lozen

Peter Korten heette namens de Aldenborgh, de kring Weert van het koninklijk L.G.O.G en GHK Thorn de bezoekers welkom. Hij memoreerde dat Lozen 13 jaar geleden ook al “Gluren bij buren” had georganiseerd.  

Hij dankte de kerkfabriek van Lozen en de gemeente Bocholt voor hun medewerking.  

Hij deed een dappere, maar niet helemaal geslaagde poging om de achternaam van de pastoor uit te spreken. Voor de nieuwgierige lezer: de voornaam en achternaam van deze uit Rwanda afkomstige priester is: Gaspard Bijyiyobyenda. 

Peter bracht ook dank aan de organisatie en de begeleiding. De organisatie was in handen van de Heemkundekring Bocholt. De begeleiding van de groepen gebeurde door leden van de Landelijke Gilden.  

Hij kondigde een collecte aan voor een vrijwillige bijdrage ter dekking van de kosten en het onderhoud van de kerk. 

 

Wat betreft de nationale feestdag deelde hij mee dat op deze dag gevierd wordt dat op 21 juli 1831 de inhuldiging van Leopold I, de eerste koning der Belgen, plaatsvond. Ter gelegenheid van die feestdag had in Brussel een militaire parade plaatsgevonden, met in het zwerk straaljagers van de Belgische luchtmacht. Deze stonden 10 minuten later weer aan de grond in Kleine-Brogel. Een kwestie van heimwee of een bewuste daad van de piloten om tijdig in Lozen voor “Gluren bij de buren” te kunnen zijn? 

 

Marc Voets, schepen van Bocholt, vertelde over de geschiedenis van Lozen. Lozen heeft altijd deel uitgemaakt van Bocholt. Het was een gehucht met in 1846 een dertigtal huizen. Voor de aanleg van de Zuid-Willemsvaart, het kanaal, was het een moerassige streek. Een van de activiteiten van de bevolking was het delven van leem. Door de aanleg van het kanaal kwam er meer nering. Het gehucht ontwikkelde zich snel tot een dorp met winkels en herbergen. Die ontwikkeling werd sterk bevorderd door de zogenaamde stop van Lozen. Door de kleine sluizen in het kanaal was de wachttijd van schepen erg lang. De schippersfamilies deden dan inkopen in Lozen en de schippers verpoosden zich in een van de herbergen. 

Het kanaal zorgde ook voor een verbetering van de landbouwstructuur. Lozen ligt op een relatief hoog punt. Het kanaal wordt gevoed door Maaswater. Daarmee konden grote gebieden bevloeid worden voor hooilanden. De eerste snee was voor de militairen, de tweede snee voor de boeren als veevoer voor de winter. Het belang van het kanaal is in de loop der tijd sterk afgenomen. 

 

De Sint Benedictuskerk van Lozen  

De ontwikkeling van Lozen is tot stand gekomen rond sluis 17 van het kanaal. Tot 1890 moest de bevolking van Lozen naar de kerk in Bocholt. In 1887 werd besloten in Lozen een kerk te bouwen. De grond daarvoor werd geschonken door een rijke dame. De architect, Johan Kayser, liet zich bij het ontwerp inspireren door de Noord-Duitse baksteengothiek. De kerk werd gebouwd door aannemer Urlings uit Maasbracht. Zij werd ingewijd in 1890  

In 1931 werd in verband met de toegenomen bevolking de kerk uitgebreid met een nieuw koor en zijbeuken. Ook werd er een toren aan toegevoegd. Merkwaardigerwijs is er vanuit de kerk geen toegang tot de toren maar alleen van buiten. De bouwstijl van de nieuwbouw wijkt af van het oorspronkelijke deel. 

In de zijbeuken bevinden zich altaren met gepolychromeerde beelden van Sint Benediktus en Maria Het altaar is voorzien van een tabernakel en een Christusbeeld .in messing.

Het tabernakel en Christusbeeld

De Leemskuil 

Buiten de kerk werd verhaald over het ontstaan van de naam Leemskuil van het gemeenschapshuis. In vroegere tijden werd er in de omgeving van Lozen leem gedolven. Die werd gebruikt voor vloeren in boerenschuren. Leem is een beetje veerkrachtig. Daardoor werden bij het dorsen met een vlegel de korrels van het graan niet stukgeslagen. 

In het midden van de 19de eeuw kwam er een verplichting tot ontginning van de woeste gronden. Daarvoor moest het moerassige gebied ontwaterd worden. Dat zou een probleem opleveren voor de Uffelse molen. Om dat te omzeilen werd een lossing aangelegd naar Maaseik. Een andere belangrijke ontwikkeling was de verharding van de weg naar Hamond met kasseien: de huidige Hamonder steenweg. 

Later kwam er werkgelegenheid in iets verder gelegen industrieën zoals de mijnen en de zinkfabriek in Budel. Het vervoer naar de mijnen geschiedde met bussen: de zogenaamde klakkenbussen; een verwijzing naar de klak (pet) die de mijnwerkers droegen.  

 

Het oude jaagpad 

Op het oude jaagpad van het kanaal, thans geasfalteerd en in gebruik als fietspad, werd meer verteld over de totstandkoming van de Zuid-Willemsvaart. Eeuwenlang is er gedroomd over een verbinding over water tussen de Rijn, de Maas en de Schelde.  

De Spanjaarden begonnen in 1626 met de onvoltooide aanleg van de Fossa Eugenia.  

In de Oostenrijkse tijd werd het idee geopend een kanaal aan te leggen tussen Tongeren en `Den Bosch. De reden was dat de Maas tussen Maastricht en Den Bosch nauwelijks bevaarbaar was. Napoleon wilde een vaarweg tussen Antwerpen en de Rijn aanleggen. Dat werk werd aangevangen maar niet voltooid. 

Koning Willem I van het Verenigd Koninkrijk der Nederlanden, bijgenaamd de kanalenkoning, wilde een verbinding over het water tot stand brengen tussen Maastricht en den Bosch ten behoeve van de industrie in Luik en de Hollandse havens. Omdat Lozen het hoogste punt in dat traject vormde, werd er een voedingskanaal tussen Maastricht en Lozen gegraven. Van dat kanaal is nu nog een klein stuk te zien.  

Het besluit tot het graven van de Zuid-Willemsvaart werd in 1819 genomen, in 182nuen de werken en in 1826 werd het kanaal al geopend. De korte graaftijd werd mede mogelijk gemaakt dankzij oude studies. Het kanaal is 122 kilometer lang, waarvan 47 kilometer in België. In 1840 werd het kanaal al verbreed.

Zicht op het brede kanaal

In het zicht van de stop van Lozen 

Bij de zwaaikom met zicht op sluis 17 werden weetjes en anekdotes, die een verband hebben met het kanaal verteld 

Als het ten tijde van Napoleon geplande kanaal tot stand was gekomen, was het de bedoeling dat bij lozen één 25 beter hoog standbeeld van Napoleon geplaatst zou worden.  

Aan het graven van het kanaal tussen 1822 en 1826 hebben 7000 mannen, maar ook vrouwen gewerkt. Dat samenwerken leidde wel eens tot meer dan graven: namelijk zwangerschappen. De pastoor hield in een memoriaal het aantal onwettige kinderen bij. 

De opening van het kanaal op 24 augustus 1826, de verjaardag van koning Willem I, werd luisterrijk gevierd met veel bier: ongeveer 1,5 liter per persoon. De kosten daarvan waren voor rekening van de gemeente.  

In april 1914, voor de Eerste Wereldoorlog, voer de Nederlandse torpedoboot Christiaan Cornelis via België door de Zuid -Willemsvaart naar Maastricht. De boot bleef in Maastricht. Op 13 mei 1940 werd hij door de eigen bemanning tot zinken gebracht om te voorkomen dat hij in Duitse handen zou vallen. 

In de Tweede Wereldoorlog werden Nederlandse kunstschatten waaronder de Nachtwacht van Rembrandt via het kanaal naar Maastricht gebracht om veilig in grotten te worden ondergebracht. In 1948 werden de kunstschatten weer in omgekeerde richting via het kanaal naar Nederland teruggebracht. Een van de bezoeksters merkte op dat zij gezien had dat op de boot ook de gouden koets had gestaan. Uw verslaglegger heeft dat gecontroleerd maar het lijkt een wijd verbreid “broodje aap ”verhaal te zijn.

Zicht op sluis 17

Prisendoor 

De aanleg van het kanaal had ook impact op de natuurlijke omgeving. Lozen was een typisch Kempisch dorp omgeven door heide, akkerland en grasland in de beekdalen. Tot de Franse tijd waren er gemene gronden. Deze werden door de boeren gebruikt voor het houden van schapen en het steken van plaggen. De plaggen werden in de potstal gebruikt. De potstal werd pas leeggemaakt als het vee het plafond bereikte. Het mengsel van de mest van de dieren en de plaggen werd als meststof voor het akkerland gebruikt 

Door de aanleg van het kanaal ontstond de mogelijkheid om de heide te ontginnen door irrigatie via zogenaamde wateringen. Er werden vloeiweiden aangelegd voor hooi. De eerste snee van het gras was bestemd voor de kazerne van Leopoldsburg de tweede snee pas voor de boeren. Het doel was 200.000 hectare te ontginnen. Dat was irreëel. Daarvoor was er veel te weinig water in de Maas. Er is slechts 3000 hectare ontgonnen. De naam Prisendoor is een lokale verbastering van het Franse woord prise d`eau, waterinname.

Prisendoor

De ontginning van het moerassige land 

In 1847 werden gemeenten wettelijk verplicht tot ontginning van woeste gronden over te gaan. Omdat de gemeente Bocholt daarvoor geen geld had, verkocht ze 2700 hectare grond aan de maatschappij Banque Générale pour Favoriser l`Agriculture et les Travaux Publics, een onderneming met Engels kapitaal. De ontwatering wilde de maatschappij laten verlopen via Nederlands grondgebied. Omdat de Nederlanders weigerden de stuw van de Uffelse molen open te zetten, moest naar een andere oplossing gezocht worden. Dat werd een lossing naar de Maas bij Maaseik. In 1880 waren er grote overstromingen langs die lossing. Dat leidde tot het faillissement van de maatschappij. De gronden werden toen gekocht door baron Charles Moreau de Bellaing, de burgemeester van Rotem. Deze deed er niet veel mee. Begin 20ste eeuw werd in samenwerking tussen de Belgische boerenbond en de Nederlandse Heidemaatschappij de ontwatering goed aangepakt. Tussen 1925 in 1938 werden alle gronden verkocht aan plaatselijke boeren. Er kwam een verkaveling tot stand en er werden wegen aangelegd. 

 

Kamerverhuur 

Dit verhaal werd verteld voor een groot, wit, leegstaand pand met de naam Café Royal. Nieuwsgierig geworden door het opschrift “Café Kamerverhuur” op een raam, vroeg een bezoeker wat dat betekende. De gids vertelde dat er vroeger een slagerij in gevestigd was. Later werd het een café. Het was het stamcafé van de inmiddels ter ziele gegaan zijnde voetbalclub van Lozen. In Lozen was er niet alleen een rood licht bij de sluis maar ook in dit pand hadden rode lichten gebrand. De betekenis daarvan liet hij over aan de fantasie van de bezoekers.

Daarmee eindigde de interessante en goed georganiseerde rondleiding door Lozen. Veel bezoekers gingen daarna naar het gemeenschapshuis de Leemskuil voor de nazit.

De nazit in gemeenschapshuis de Leemskuil

Komende activiteiten  

De volgende edities van “Gluren bij de buren” 2026 zijn: 

  • op dinsdag 11 augustus Geldrop, een dorp dat naar de woorden van Peter sinds 1913 per spoor is verbonden met – in de woorden vanPeter- de metropool Weert; 
  • op 25 augustus Heppeneert, waar zich het graf van de bekende historicus pater Willem Sangers bevindt. 

Op vrijdag 21 augustus vindt er in het Parochiehuis van Bocholt een symposium plaats over de militaire aanwezigheid in verleden en heden in de grensstreek. 

 Op maandag 31 augustus is er een excursie naar Neuss, een partnerstad van Weert.  

Op zaterdag 12 september is er de jaarlijkse najaarsexcursie naar Lier bij Antwerpen.

Cameraman Akos Farkas: een vergeten pionier van de Nederlandse film

Met Ergens in Nederland brengt historicus Jac. Biemans een vrijwel vergeten hoofdstuk uit zowel de Nederlandse filmgeschiedenis als de lokale oorlogsgeschiedenis opnieuw tot leven. Centraal staat cameraman Akos Farkas, een joodse vluchteling die een belangrijke bijdrage leverde aan de ontwikkeling van de Nederlandse geluidsfilm en tijdens de Tweede Wereldoorlog met zijn gezin in Cranendonck een veilig onderkomen vond.

Van Berlijn naar de Nederlandse filmstudio’s

Akos Farkas vluchtte begin jaren dertig uit Duitsland, waar het nationaalsocialisme steeds nadrukkelijker het openbare leven begon te beheersen. Via Parijs kwam hij in Nederland terecht. Hier vond hij werk in een jonge filmindustrie die volop in ontwikkeling was. Hij werkte mee aan bekende producties als Willem van Oranje, De Jantjes, Merijntje Gijzen’s Jeugd en Boefje.

Een speurtocht door archieven en familieverhalen

De belangstelling van Jac. Biemans voor de familie Farkas ontstond tijdens gesprekken met een van de laatste nog levende verzetsmensen uit de regio. In 2017 wist Biemans contact te leggen met de kinderen van Akos Farkas in de Verenigde Staten. Hun herinneringen vormden samen met uitgebreid archiefonderzoek de basis voor het boek.

Akos Farkas en Lotty Farkas-Cohen met hun kinderen Paula en Loet. Particuliere collectie, Verenigde Staten.

De Vrijbuiters en de rode woonwagen

Een belangrijke plaats in het verhaal wordt ingenomen door Harrie Semler en Trien Semler-Hendriks. Via dit echtpaar kwam de familie Farkas uiteindelijk in Maarheeze terecht. Vanuit hun karakteristieke rode woonwagen opereerde verzetsgroep De Vrijbuiters. Deze groep maakte deel uit van een internationaal netwerk dat geallieerde piloten hielp ontsnappen uit bezet gebied.

De Rode woonwagen van de familie Semler-Hendriks in Maarheeze. (Foto: NIOD, Amsterdam)

De moed en inzet van Harrie Semler (1906-1973) en Trien Semler-Hendriks (1901-1979) bleven niet onopgemerkt. Op 21 november 1946 ontvingen zij de Medal of Freedom with Bronze Palm voor hun hulp aan geallieerde militairen en vervolgde burgers.

Cranendonck als toevluchtsoord

Tijdens de bezettingsjaren verbleef het gezin Farkas ondergedoken in Maarheeze en later in Soerendonk. Dankzij de inzet van vele inwoners uit de regio wist het gezin de oorlog te overleven. In het boek figureren ook de ouders van pater Gerard Heesterbeek OFM.

Emotionele boekpresentatie

Tijdens de presentatie van het boek in De Smeltkroes in Maarheeze waren de zoon van Akos Farkas en diens dochter speciaal vanuit de Verenigde Staten naar Nederland gekomen. De Akos’kleindochter sprak een ontroerend dankwoord uit.

Burgemeester Roland van Kessel ontving het eerste exemplaar van het boek, terwijl de zoon van Akos Farkas het eerste exemplaar van de Engelstalige vertaling ontving.

Over de auteur

Drs. Jac. Biemans (1963) studeerde geschiedenis aan de Katholieke Universiteit Nijmegen en was werkzaam bij Erfgoed ’s-Hertogenbosch. Hij verzorgde diverse publicaties en was actief als beeldredacteur. In 2016 verscheen zijn boek August von Bonstetten. Een Zwitsers militair schetst ’s-Hertogenbosch 1815-1824. Daarnaast is Jac. Biemans een prominent lid van De Aldenborgh en was hij jarenlang voorzitter van Erfgoedvereniging De Baronie van Cranendonck.

Boekinformatie

Ergens in Nederland is verschenen bij Boom Uitgevers en kost € 22,90. Het boek is verkrijgbaar via de uitgever, online boekhandels en de lokale boekhandel. Op vrijdagmiddag 21 augustus 2026 is Jac. Biemans bovendien één van de sprekers tijdens het minisymposium Tussen Heide en Garnizoen in Bocholt (B), waar het boek eveneens verkrijgbaar zal zijn en gesigneerd kan worden.

Extra avondvoorstelling ‘Zoeë keumptj ’t schoeëns van Wieërt…’

Laatste plaatsen voor middagvoorstelling; vanwege grote belangstelling extra vertoning

De belangstelling voor de filmvoorstelling ‘Zoeë keumptj ’t schoeëns van Wieërt…’ is zo groot dat de laatste plaatsen voor de middagvoorstelling momenteel worden verkocht. Daarom is besloten een extra avondvoorstelling toe te voegen.

De bijzondere filmvoorstelling staat in het teken van de bevrijding van Weert op 22 september 1944 en brengt bezoekers terug naar het Weert van vroeger. De voorstelling vindt plaats in het Munttheater en wordt mogelijk gemaakt door het Geschied- en Oudheidkundig Genootschap De Aldenborgh en Stichting 4 en 5 Mei Weert.

In de film zijn unieke historische beelden te zien van onder meer de aanleg van de spoorlijn naar Eindhoven, de bouw van het station, processies in de stad en de verwoestingen tijdens de Tweede Wereldoorlog. Ook de bevrijding van Weert komt uitgebreid aan bod. De beelden worden begeleid door het authentieke en vaak humoristische commentaar in Weerts dialect van meesterverteller Huub van den Bosch, beter bekend als Huub van Gonnebertje.

Huub vertelt daarbij ook over zijn persoonlijke herinneringen aan de bevrijding, die hij als jonge Mulo-student meemaakte. Zijn verhalen brengen de geschiedenis op een levendige en herkenbare manier tot leven.

De oorsprong van deze bijzondere film gaat terug naar 1993. Weertenaar Jos Peeters maakte destijds videobeelden van een zeer succesvolle diavoorstelling van Huub van den Bosch, georganiseerd ter gelegenheid van het zestigjarig bestaan van de VVV Weert en omstreken. Dankzij deze registratie zijn zowel de historische beelden als het oorspronkelijke commentaar bewaard gebleven.

Met de extra avondvoorstelling krijgen nog meer belangstellenden de kans om deze unieke combinatie van Weerter geschiedenis, historische filmbeelden en dialectvertellingen te beleven. De organisatie adviseert geïnteresseerden niet te lang te wachten met reserveren.

Praktische informatie

  • Datum: dinsdag 22 september 2026
  • Aanvang middagvoorstelling: 14.00 uur
  • Aanvang avondvoorstelling: 20.15 uur
  • Locatie: Munttheater Weert
  • Organisatie: Geschied- en Oudheidkundig Genootschap De Aldenborgh en Stichting 4 en 5 Mei Weert

Kaarten zijn verkrijgbaar via het Munttheater:

Munttheater Weert – Zoeë keumptj ’t schoeëns van Wieërt…

Kanaal door de Lens: nieuwe fototentoonstelling in NS-station Weert

Ter gelegenheid van het 200-jarig jubileum van de Zuid-Willemsvaart presenteert Fotogroep Weert in samenwerking met De Aldenborgh een nieuwe fototentoonstelling. De tentoonstelling is te bezichtigen in de hal van het NS-station in Weert.

Met deze expositie brengen de leden van Fotogroep Weert een ode aan de Zuid-Willemsvaart.

De tentoonstelling sluit aan bij de vele activiteiten die dit jaar worden georganiseerd rond het 200-jarig bestaan van de Zuid-Willemsvaart.

Bezoekers van het station kunnen de expositie gratis bekijken tijdens de openingstijden van het station. De tentoonstelling biedt zowel reizigers als andere belangstellenden een verrassende blik op een waterweg die al generaties lang onlosmakelijk verbonden is met Weert.

Grote belangstelling bij Gluren bij de Buren in Roeven

De première van het nieuwe seizoen van Gluren bij de Buren vond op dinsdag 7 juli plaats op Roeven. Met ongeveer 300 deelnemers kende de cultuurhistorische wandeling een recordopkomst.

De bezoekers werden muzikaal welkom geheten door Shantygroep Aan Paol 60. Vervolgens spraken Peter Korten, voorzitter van Stichting De Aldenborgh en coördinator van Gluren bij de Buren, Alfons Bruekers namens de Erfgoedgemeenschap Nederweert en oud-Roevenaar,  pater Jan Verboogen een welkomstwoord uit.

In groepen maakten de deelnemers een wandeling langs zeven historische locaties in Roeven. Een van de rode draden tijdens de tocht was het 200-jarig jubileum van de Zuid-Willemsvaart, maar ook de veel oudere geschiedenis van Roeven kreeg ruime aandacht.

Op de Molenberg werd verteld over de Roevenwaerdtmolen, de Fossa Peellandia en een mogelijk middeleeuws pottenkruierskamp. Bij de eeuwenoude boerderij Gieze hoorden de deelnemers verhalen over Teutenfamilies, gevelstenen, heksen en weerwolven. Ook het Hagelkruis kwam aan bod, dat in 1912 werd geplaatst nadat een oogst volledig door hagel was verwoest.

Bij de Schans van Roeven werd stilgestaan bij de Tachtigjarige Oorlog. De gidsen vertelden hoe inwoners zich in de zeventiende eeuw beschermden tegen plunderende troepen door een versterkt toevluchtsoord aan te leggen. Vervolgens kwamen de Arishoek en molen De Windlust aan bod. Hier werd onder meer ingegaan op de middeleeuwse oorsprong van de omgeving en de geschiedenis van de molen, die sinds 1872 graan maalde en olie perste.

Ook de herkomst van de naam Roeven werd toegelicht. De naam verwijst vermoedelijk naar een ven met ijzerhoudend water dat een roodachtige kleur had. Verder werd aandacht besteed aan de Peel-Raamstelling uit de Tweede Wereldoorlog, de kazematten in het landschap en de bekende Paol 60 langs de Zuid-Willemsvaart.

Bij Sluis 15 werd verteld over de bouw van de eerste betonnen sluis in de regio en de bijbehorende waterkrachtcentrale, die vanaf de jaren twintig elektriciteit leverde aan de sluis, de sluiswachterswoningen en omliggende boerderijen. Hoewel de centrale niet meer in gebruik is, heeft het gebouw tegenwoordig de status van rijksmonument.

De wandeling werd gedurende de avond opgeluisterd door de muziek van Shantygroep Aan Paol 60. Na afloop werd nog geruime tijd nagepraat op het terras van Guulke Eten & Drinken.

Dankzij de samenwerking tussen de Erfgoedgemeenschap Nederweert, Stichting De Aldenborgh, buurtvereniging Schoor, Scouting Nederweert en de enthousiaste lokale vertellers uit Roeven werd de eerste editie van Gluren bij de Buren van dit seizoen een groot succes.

Gluren bij de Buren….Lozen: dorp van kanalen, sluizen en leemstekers

Op dinsdag 21 juli 2026, de Belgische Nationale Feestdag, brengt de tweede editie van Gluren bij de Buren ons naar Lozen, een deelgemeente van Bocholt in Belgisch Limburg.

Dit dorp in de Limburgse Kempen ligt pal aan de Nederlandse grens en grenst zowel aan Nederlands-Limburg als aan Noord-Brabant. Lozen telt ruim 1.100 inwoners en kent een bijzondere geschiedenis die nauw verbonden is met water, kanalen en scheepvaart.

Vermoedelijk ontstond Lozen in de 15e eeuw als een gemeenschap van leemstekers. De moerassige omgeving werd in de 19e eeuw grotendeels ontgonnen dankzij de aanleg van de Lossing en de Zuid-Willemsvaart, die in 1826 werd voltooid. Toch begon de geschiedenis van de kanaalwerken al eerder. Onder Napoleon werd gewerkt aan het ambitieuze Grand Canal du Nord, dat Antwerpen met Venlo moest verbinden. Lozen lag op het hoogste punt van dit kanaal en speelde daardoor een belangrijke rol in de watervoorziening ervan.

Met de aanleg van de Zuid-Willemsvaart in opdracht van koning Willem I groeide Lozen uit tot een belangrijk knooppunt van kanalen en sluizen. Het kanaal heeft sindsdien een grote invloed gehad op het leven van de inwoners en op de ontwikkeling van de streek.

Tijdens deze excursie ontvangen wij u graag in de Sint-Benedictuskerk. Van daaruit maken we een wandeling van ongeveer 2,5 kilometer naar de beroemde “Stop van Lozen”, waar Sluis 17 en, enkele kilometers verderop, Sluis 18 zich bevinden. Deze sluizen zijn berucht én beroemd bij binnenvaartschippers en automobilisten.

Onderweg hoort u verhalen over de Zuid-Willemsvaart, de leemstekers, de watering, de voormalige kweekvijvers voor zoetwatervis en de historische betekenis van Lozen als waterknooppunt. Uiteraard komen ook koning Willem I en Napoleon aan bod. Vooral Napoleon koesterde grootse plannen voor deze regio, met het Grand Canal du Nord als onderdeel van zijn ambitie om de handel en scheepvaart in zijn rijk te versterken.

Aanvang: 19.00 uur
Locatie: Sint-Benedictuskerk, Lozerplein, 3950 Lozen (Bocholt)

Deelname gratis

Let op: het aantal parkeerplaatsen is beperkt. Wij verzoeken u vriendelijk de geldende verkeers- en parkeerregels in acht te nemen.

Groot succes voor jubileumrondvaarten Zuid-Willemsvaart; nieuwe vaarten op komst in Weert en Nederweert

De rondvaarten rond het 200-jarig jubileum van de Zuid-Willemsvaart waren een groot succes. Door de enorme belangstelling werden extra boottochten georganiseerd, waardoor uiteindelijk meer dan 1.000 bezoekers konden deelnemen aan een unieke rondvaart langs Weert.

De jubileumrondvaarten waren een initiatief van geschied- en oudheidkundig genootschap De Aldenborgh in nauwe samenwerking met de Stadsgidsen Weert. Tijdens de vaarten vertelden de stadsgidsen Jos Leenders en Theo Halfers boeiende verhalen over de geschiedenis van de Zuid-Willemsvaart voorzien met prachtige beelden uit het verleden.

Woensdag 9 juli verzorgde de Spaanse muziekgroep Banda Unió Protectora Musical de Llombai uit de regio Valencia een bijzonder varend concert. Het gezelschap vertrok per boot vanaf de Industriekade en bracht tijdens de tocht live muziek ten gehore op de Zuid-Willemsvaart.

Dit Kanaalconcert vormde een sfeervol onderdeel van het jubileumprogramma en onderstreepte hoe water, cultuur en muziek mensen met elkaar konden verbinden.

Hoewel de eerste jubileumrondvaart te maken kreeg met een onverwachte onderbreking door een technische storing aan de Stadsbrug, konden de festiviteiten snel worden hervat. De storing werd met spoed verholpen en Rijkswaterstaat kon de brug dezelfde middag weer vrijgeven voor het vaarverkeer, ook al zag het er aanvankelijk niet naar uit dat dit zo snel zou lukken.

Vervolg

Het succes van de jubileumrondvaarten krijgt bovendien een vervolg. De Aldenborgh en de Stadsgidsen Weert maken bekend dat zij ook in de toekomst opnieuw boottochten willen organiseren.

Nederweert

Ook in Nederweert worden plannen ontwikkeld voor rondvaarten. In samenwerking met de Erfgoedgemeenschap Nederweert wordt gekeken naar vaarten rond het karakteristieke Kanaleneiland. Daarbij kunnen deelnemers kennismaken met de rijke geschiedenis van de kanalen Zuid-Willemsvaart, Noordervaart en het kanaal Wessem-Nederweert en met de belangrijke rol die deze waterwegen speelden in de ontwikkeling van Nederweert.

Wanneer deze rondvaarten in Weert en Nederweert daadwerkelijk kunnen plaatsvinden, is nog niet bekend. De planning is afhankelijk van de werkzaamheden aan Sluis 15. Door het omvangrijke onderhoud en de daarmee samenhangende stremming van het vaarverkeer zijn de mogelijkheden voorlopig beperkt.

Zodra er meer duidelijkheid is over de voortgang van de werkzaamheden, zullen de betrokken organisaties de data bekendmaken.

Foto van de organisatoren van de boottocht: Aldenborgh-voorzitter Peter Korten, stadsgidsen Jos Leenders en Theo Halfers en kapitein Paul van der Lusdonk

20 jaar Cultuurhistorische Zomer

Eenvoud, ontmoeting en erfgoed als succesformule

Twintig jaar geleden ontstond binnen Stichting De Aldenborgh uit Weert en de Geschied- en heemkundige kring “Het Land van Thorn” een eenvoudig idee: mensen op een laagdrempelige manier kennis laten maken met het rijke cultuurhistorische erfgoed van hun eigen omgeving.

Wat begon als een bescheiden avondwandeling in Molenbeersel in 2005 groeide uit tot een geliefde traditie die vandaag bekendstaat als ‘Gluren bij de Buren’.

Tijdens deze cultuurhistorische zomeravonden krijgen deelnemers de kans om bijzondere locaties, monumenten en historische plekken te bezoeken die vaak verborgen blijven voor het grote publiek.

Lokale gidsen, kenners en vrijwilligers vertellen daarbij de verhalen achter gebouwen, landschappen en gebeurtenissen die onze streek hebben gevormd.

Het succes van ‘Gluren bij de Buren’ schuilt in zijn eenvoud.

Er is geen entree, geen ingewikkelde formule en geen drempel om deel te nemen. Iedereen met belangstelling voor geschiedenis, erfgoed en het leven van vroeger is welkom.

Die toegankelijkheid heeft ervoor gezorgd dat de activiteiten door de jaren heen honderden bezoekers per avond hebben aangetrokken uit de hele grensstreek.

Minstens zo belangrijk is de inzet van de vele vrijwilligers, organisatoren en plaatselijke deskundigen.

Dankzij hun enthousiasme en kennis krijgt het verleden een stem en worden verhalen bewaard voor toekomstige generaties. Bovendien zorgen de ontmoetingen tussen deelnemers voor een bijzondere verbondenheid met de eigen leefomgeving.

In de voorbije twintig jaar werden tientallen locaties bezocht, verspreid over de dorpen van de regio. Van Helden tot Dorne, van Grevenbicht tot Bocholt, van Valkenwaard tot Swalmen. Iedere editie bracht nieuwe ontdekkingen, verrassende verhalen en waardevolle ontmoetingen.

Daarmee heeft ‘Gluren bij de Buren’ niet alleen bijgedragen aan de kennis van ons erfgoed, maar ook aan de waardering en het behoud ervan.

Ter gelegenheid van het twintigjarig jubileum kijken de vrijwilligers met trots terug op twee decennia cultuurhistorische zomeravonden.

Wat ooit begon als een kleinschalig initiatief is uitgegroeid tot een vaste waarde op de culturele kalender. Een prestatie die mogelijk werd gemaakt door de inzet van velen en de blijvende belangstelling van ons trouwe publiek.

Met dank aan iedereen die de afgelopen twintig jaar heeft meegewerkt aan het succes van ‘Gluren bij de Buren’.

Samen hebben wij onze geschiedenis zichtbaar, beleefbaar en levend gehouden.

En dat proberen we blijven te doen, ook in de zomer 2026. Alhoewel er steeds meer uitdagingen zijn voor de organisatoren, zoals minder horecagelegenheden, kerken en toenemende regelgeving.

Ingesloten treft u de Cultuurhistorische Zomerfolder 2026 – Jubileumeditie 20 jaar Gluren bij de Buren aan.

Klik hier om de Cultuurhistorische folder 2026 te bekijken.

Wij hopen u deze zomer weer graag te ontmoeten!

Agenda jubileumeditie Cultuurhistorische Zomer 2026

Op veler verzoek hier al de data voor de 20ste Cultuurhistorische Zomer. De Cultuurhistorische Zomerfolder ontvangt u medio juni.

WEERT, VAN MAANDAG 6 JULI T/M VRIJDAG 10 JULI 2026

Boottochten…..Varen op de jubilerende Vaart

ROEVEN-NEDERWEERT, DINSDAG 7 JULI 2026

Gluren bij de Buren… op Roeven

LOZEN (B), DINSDAG 21 JULI 2026

Gluren bij de buren …Lozen

GELDROP, DINSDAG 11 AUGUSTUS 2026

Gluren bij de Buren… in Geldrop

BOCHOLT (B), VRIJDAG 21 AUGUSTUS 2026

Middagsymposium: Tussen Heide en Garnizoen
Kazernes, oefenterreinen, kampen en vliegbases in de grensstreek

HEPPENEERT (B), DINSDAG 25 AUGUSTUS 2026

Gluren bij de Buren … Heppeneert

WEERT, DONDERDAG 27 AUGUSTUS 2026

Middag-presentatie Namen achter de ramen (over de kerkramen in de Sint Martinuskerk)

NEUSS, MAANDAG 31 AUGUSTUS 2026

Dagexcursie naar Neuss (D)

HEEL, ZONDAG  6 SEPTEMBER  2026

Volksgebruik: Draaksteken ….. in Heel

WEERT,DINSDAG 22 SEPTEMBER 2026

Theaterprogramma  “Zoeë keumptj ’t schoeëns van Wieërt weer stillekes vuuër d’n daag”.