Een verhaal van Wil Filott
Burenruzies en scheldpartijen zijn van alle tijden. Dit verhaal gaat over een scheldpartij in 1851 in de Hegstraat te Weert. Op zich geen wereldschokkende gebeurtenis. Het leek mij toch wel aardig om daar een artikel aan te wijden, mede gelet op de kring van de daarbij betrokken personen.
Wat was er op 19 augustus 1851 in Weert aan de hand?
Op 19 augustus 1851 vond er een ruzie met een hevige woordenwisseling in de Hegstraat in Weert plaats tussen de 49-jarige Maria Elisabeth Joosten, echtgenote van Willem Warnotte, en de 21-jarige Hendrik Gijbels.[i] De19-jarige zus van Hendrik Gijbels, Petronella Gijbels, bemoeide zich ermee. Ze zei tegen haar broer: “houd u stil, laat ze loopen, want zij stinkt een uur onder de wind”. Maria Elisabeth Joosten ging daarna tekeer tegen Petronella en schold haar uit voor canaille, tooi en loeder.
Dat gebeurde op de stoep voor de woning van Joosten in de Hegstraat. Petronella deed bij de politie aangifte van belediging. Johannes Petrus Pex, commissaris van politie van de stad Weert, maakte daar op 20 augustus 1851 een ambtsedig proces-verbaal van op.[ii]
De Hegstraat is een van de oudste straten van Weert. In het midden van de 19de eeuw was de bebouwing nog niet helemaal gesloten in tegenstelling tot de andere straten in Weert. De bewoners waren hoofdzakelijk ambachtslieden: wever, schoenmaker, bakker, smid, kleermaker.
De scheldende dames waren waarschijnlijk buren. Volgens het bevolkingsregister 1850-1860 woonde de familie Gijbels op het toenmalige adres Hegstraat 173. Van de woning van de familie Warnotte is in dat bevolkingsregister geen huisnummer vermeld. Mogelijk woonde zij in het huis dat volgens het kadaster in 1843 toebehoorde aan de Fundatie Berlo.
[i] De achternaam Gijbels wordt in documenten ook als Geijbels vermeld.
[ii] Joannes Petrus Pex is op 20 september 1797 geboren te Leiden, op 5 april 1823 te `s Hertogenbosch getrouwd met Clara Maria Wassing, op 9 november 1846 te Weert in tweede huwelijk getrouwd met Catharina Gertrudis Wilhelmina Erdwegh en op 20 november 1848 te Weert in derde huwelijk getrouwd met Wilhelmina Gubbels. Hij is op 4 februari 1874 op 76-jarige leeftijd te Weert overleden.

Kantongerecht Weert, eerste bedrijf[i]
Het Openbaar Ministerie bij het kantongerecht te Weert, vertegenwoordigd door commissaris Pex, dagvaardde Maria Elisabeth Joosten, huisvrouw van Wilhelmus Wernot, voor de kantonrechter te Weert.[ii] Haar werd overtreding van een aantal wetsartikelen inzake belediging, waaronder artikel 471 lid 11 Wetboek van Strafregt, ten laste gelegd.[iii] Het Openbaar Ministerie eiste dat Joosten daaraan schuldig werd verklaard en veroordeeld zou worden tot een boete van 50 cent tot 2 gulden 50 cent ten bate van de stad Weert, desnoods invorderbaar met lijfsdwang.
[i] Weert heeft van 1842 tot 1934 een kantongerecht gehad.
[ii] In de gerechtelijke stukken wordt als naam van de echtgenoot van Maria Elisabeth Joosten Wilhelmus Wernot vermeld. Na onderzoek bleek de juiste achternaam Guillaume Warnotte te zijn.
[iii] In het Franse keizerrijk, waartoe vanaf 1795 tot 1813/1814 de huidige provincie Limburg behoorde, was op 1 januari 1811 de Code pénal (wetboek van strafrecht) in werking getreden. Na de Franse tijd vaardigde Willem I een besluit uit “houdende bepalingen ten aanzien van de Lijfstraffelijke Regstuitoefening in de Vereenigde Nederlanden”: het zogenaamde “Gesel- en Worgbesluit”. Daarin werd onder meer de Franse Code pénal “bij provisie “gehandhaafd ‘totdat daaromtrent nader zal zijn voorzien’. Dat “bij provisie” heeft lang geduurd. De Code pénal/Wetboek van strafregt bleef met wijzigingen tot 1886 in Nederland van kracht.
Na het horen van een tweetal getuigen overwoog kantonrechter Hector Frederik Theodoor van Schaeck dat wettig en overtuigend was bewezen dat Maria Elisabeth Joosten “in den avond van den negentienden augustus laatstleden op de stoep harer woning op de openbare straat te Weert aan Petronella Gijbels heeft toegevoegd de woorden canaille, tooi en loeder”.[i] Niets leek een veroordeling van Maria Elisabeth Joosten meer in de weg te staan. Maar dat pakte anders uit.
De kantonrechter was van oordeel dat de belediging met het woord “loeder” van een zwaarder kaliber was dan canaille en tooi, namelijk een “ondeugd”. Daarop was een ander wetsartikel, namelijk 375 van het Wetboek van Strafregt, met een hogere geldboete, van toepassing en niet artikel 471 lid 11.
[i] Hector Frederique Theodore van Schaeck is op 22 oktober 1838 geboren in Mons, België, en overleden op 26 februari 1893 te `s Hertogenbosch. Hij is slechts gedurende korte tijd kantonrechter te Weert geweest.
De beoordeling van die zwaardere belediging viel volgens de kantonrechter buiten zijn bevoegdheid, maar behoorde tot die van de rechtbank. De kantonrechter was ook van oordeel dat de beschuldiging van de scheldwoorden “canaille” en “tooi” dan ook maar door die rechtbank moesten worden beoordeeld. Kortom: hij verklaarde zich onbevoegd. Maria Elisabeth Joosten, zangeres van beroep, leek in deze zaak het hoogste lied te kunnen zingen, maar zij had buiten de waard, in dit geval commissaris Pex gerekend.
Commissaris Pex, in zijn hoedanigheid van waarnemer van het Openbaar Ministerie, kon zich niet vinden in het oordeel van de kantonrechter. Hij besloot in cassatie te gaan bij de Hoge Raad, maar alleen voor het woord “loeder”. Franciscus Geene, deurwaarder bij het kantongerecht Weert, betekende op 18 oktober 1851 het beroep in cassatie aan Maria Elisabeth Joosten, zangeres, persoonlijk in haar woning.[i]
De Hoge Raad
De Hoge Raad oordeelde op 23 december 1851 dat de woorden canaille, tooi en loeder kunnen worden gekwalificeerd als scheldwoorden in de zin van artikel 471 lid 11 Strafregt. Het woord loeder kon weliswaar gezien worden als een ondeugd (belediging) in de zin van artikel 375 Strafregt, maar dat woord had in de dagelijkse volkstaal volgens de Hoge Raad in het algemeen betrekking op een gemeen persoon. De Hoge Raad verklaarde de cassatie gegrond, vernietigde de uitspraak van de kantonrechter en verwees de zaak terug naar dezelfde kantonrechter te Weert om de zaak alsnog te berechten [ii]
Kantongerecht Weert, tweede bedrijf
Maria Elisabeth Joosten moest dus weer terechtstaan voor kantonrechter Hector Frederik Theodoor van Schaeck op beschuldiging van de woorden canaille, tooi en loeder gebruikt te hebben tegen Petronella Gijbels.
De kantonrechter overwoog dat het door de beëdigde verklaringen van getuigen en de bekentenis van Joosten voor de kantonrechter wettig en overtuigend was bewezen dat op de avond van negentien augustus 1851 Joosten een hevige woordenwisseling had met Hendrik Gijbels. Ook stond vast dat de zus van Hendrik Gijbels zich met de ruzie bemoeid had en aan haar broer gezegd had “houd u stil, laat ze loopen, want zij stinkt een uur onder de wind”. Joosten verklaarde dat zij door die woorden “uitgetergd “was.[iii]
Getuige Petronella Pouwels, huisvrouw van Arnold Joseph Korten, verklaarde dat zij op de bewuste avond gehoord had dat Joosten met de broer van Petronella Gijbels een dispuut had. Petronella Gijbels had toen tegen Joosten gezegd “Gij stinkt een uur onder de wind”. Joosten had daarop gereageerd met “bemoei je er niet mee” Vanaf de stoep van haar woning had Joosten op de openbare straat Petronella Gijbels de woorden toegevoegd “canaille” en “tooi”. Zij had niet gehoord dat Joosten het woord “loeder” had gebruikt.
De kantonrechter was van oordeel dat Joosten door de woorden van Petronella Gijbels “uitgetergd” was tot het uiten van de woorden canaille en tooi aan Gijbels.[iv] Na een dergelijke “uitterging” vielen die woorden niet onder het bereik van het strafrecht. Wat betreft het woord “loeder” achtte de kantonrechter niet bewezen dat Joosten dat woord aan Gijbels had toegevoegd.
Kantonrechter Van Schaeck deed op 21 januari 1852 uitspraak. Hij ontsloeg Joosten voor het gebruik van de woorden canaille en tooi van alle rechtsvervolging en sprak haar vrij voor het woord tooi.
Het was niet de eerste keer dat Maria Elisabeth Joosten, liedjeszangeres, in het beklaagdenbankje voor kantonrechter Van Schaeck te Weert zat. Op 5 december 1850 had haar hond `s morgens Hendrik Creemers, vioolspeler, aangevallen en gebeten. Maria Elisabeth Joosten moest zich voor de kantonrechter verantwoorden omdat zij de aanval van de hond niet had voorkomen. Er werden een zestal getuigen gehoord. Die waren blijkbaar zo gunstig voor Joosten dat het Openbaar Ministerie, vertegenwoordigd door commissaris Pex, vrijspraak vorderde. De kantonrechter verklaarde dat niet bewezen was dat Joosten schuld had aan de aanval en sprak haar vrij.
Wie was Maria Elisabeth Joosten?
Maria Elisabeth Joosten is tijdens de Franse tijd geboren op 28 januari 1802 te Weert. Op 3 september 1823 schonk de 21-jarige, ongehuwde Maria Elisabeth Joosten het leven aan een zoon. Haar vader, Hendrik Joosten, dagloner, wonende op de Uilenmarkt te Weert, deed aangifte van de geboorte van die jongen, aan wie hij de voornamen Pieter Lambert gaf. Maria Elisabeth Joosten, dagloonster, woonde bij de geboorte van haar zoon op de Uilenmarkt bij haar ouders. Pieter Lambert heeft maar kort geleefd. Hij is op 11 oktober 1823 te Weert overleden.
Een ongehuwde moeder was in die tijd een schande, niet alleen maar zeker ook in katholieke gemeenschappen. Het ongehuwde moederschap werd beschouwd als een gevolg van onzedelijk gedrag. De norm dat geslachtsgemeenschap alleen toegestaan was binnen het huwelijk, was dan immers overtreden. De ongehuwde moeder kwam vaak in een sociaal isolement terecht. Die afkeuring en het isolement lijken in de kring van de in dit verhaal beschreven personen overigens niet of nauwelijks het geval te zijn.
Op 3 februari 1842 is Maria Elisabeth Joosten op 40-jarige leeftijd in Weert getrouwd met de 57-jarige Willem Warnotte, geboren op 10 februari 1784 te Mortier, een plaats ten noordoosten van Luik.[v] Bruid en bruidegom woonden toen volgens de huwelijksakte beide te Weert. Als beroep van de bruid is in de akte dagloonster vermeld, als dat van de bruidegom rondreizend orgelspeler. Het was voor Willem Warnotte zijn vierde huwelijk. Het echtpaar Warnotte-Joosten is kinderloos gebleven. Maria Elisabeth Joosten is op 20 juni 1859 overleden te Weert. Zij woonde ten tijde van haar overlijden op de Hoogensteenweg te Weert.
Willem Warnotte
Willem Warnotte is met drie vrouwen uit Weert getrouwd geweest en heeft minstens 18 jaar in Weert gewoond. Hoewel hij niet betrokken is geweest bij de scheldpartij in de Hegstraat heb ik toch zijn levensloop onderzocht. Dat leverde interessante gegevens op.
Guillaume (Willem) Warnotte is op 10 april 1784 geboren te Mortier, Land van Herve. Mortier is een dorp ten noordoosten van Luik, thans behorende tot de gemeente Blegny. Guillaume Warnotte is op 3 december 1812 te Trembleur getrouwd met Marie Martine de Larue. In de huwelijksakte is als zijn beroep journalier (dagloner) vermeld Het beroep van de bruid was couturière (naaister). Op 11 september 1813 werd in Mortier hun zoon Thomas geboren. Maria Martina de Larue is op 31 juli 1830 overleden te Merksplas, provincie Antwerpen. Merksplas behoorde toen nog tot het Verenigd Koninkrijk der Nederlanden.
Willem Warnotte is op 13 oktober 1832 te Venlo getrouwd met Marie Anne Lahaut, geboren op 5 april 1775 te Mortier. Zij was de weduwe van Jean François Dumont, geboren in 1780 te Warsage in de Voerstreek en overleden in 1818 te Maastricht. Als beroep van Willem Warnotte is in de huwelijksakte kramer vermeld; als dat van Marie Anne Lahaut dagloonster. In die akte staat dat de ouders van Willem Warnotte, Thomas Warnotte en Maria Agens Debij, “beide sedert lange jaren afwezig zijn”. Willem Warnotte verklaarde onder ede dat de plaats van overlijden en laatste verblijfplaats van zijn ouders hem niet bekend waren. Voor Marie Anne Lahaut gold hetzelfde.[vi] Marie Anne Lahaut is op 14 april 1833 overleden te Venlo.
Willem Warnotte is een klein jaar later, op 8 maart 1834, te Venlo getrouwd met Johanna Neijnens, geboren op 26 oktober 1803 te Weert en overleden op 10 mei 1840 te Venlo.[vii] Twee maanden na hun huwelijk is hun dochter Maria geboren te Tongeren, Koninkrijk België.
Zoals reeds vermeld, is Willem Warnotte op 3 februari 1842 te Weert getrouwd met Maria Elisabeth Joosten.
Vijf weken na het overlijden van Maria Elisabeth Joosten op 20 juni 1859 te Weert is hij op 75-jarige leeftijd getrouwd met Aldegonda Everaerts, geboren op 10 mei 1810 te Weert. Zij was weduwe van Bartholomeus van Gesteren, geboren 16 september 1791 te Schalkwijk, Utrecht, en overleden op 6 augustus 1855 te Nijmegen. Aldegonda Everaerts is op 22 juli 1880 overleden te Visé.
Willem Warnotte is op 29 oktober 1860 uit het bevolkingsregister van Weert uitgeschreven in verband met vertrek naar Luik. Hij is op 4 maart 1870 te Visé overleden.
In de overlijdensakte van Guillaume Warnotte worden de huwelijken met Marie Martine Delarue, Jeanne Neijens en Aldegonda Everaerts vermeld maar niet die met Marie Anne Lahaut en Maria Elisabeth Joosten.
[i] Franciscus Geene is op 11 augustus 1824 geboren te Ottersum. Hij is op 16 april 1861 te Weert getrouwd met Johanna Catharina Nies Zijn vader was blijkens de trouwakte op dat moment logementhouder te Weert. Franciscus Geene is op 14 april 1885 overleden te Baexem.
[ii] Weekblad van het Regt, 23 september 1852
[iii] Volgens artikel 471 lid 11 was iemand die uitgetergd was tot het uiten van scheldwoorden niet strafbaar.
[iv] Uittergen is een in onbruik geraakt woord voor provoceren. In juridische context kan uittergen betekenen dat men iemand uitlokt om een strafbaar feit te plegen.
[v] Mortier behoorde in die tijd tot het Prinsbisdom Luik.
[vi] De reden voor die onbekendheid moeten we zoeken in het feit dat sinds de Belgische opstand van 1830, waarbij België zich afscheidde van het Verenigd Koninkrijk der Nederlanden, die ouders in het koninkrijk België woonden. Nederland erkende het koninkrijk België toen nog niet.
Er waren in die jaren geen diplomatieke betrekkingen, waardoor extracten van officiële documenten, zoals overlijdensakten, niet of moeilijk te verkrijgen waren. De huidige Nederlandse provincie Limburg behoorde overigens van 1830 tot 1839 wel tot het koninkrijk België met uitzondering van Maastricht en Venlo.
[vii] De achternaam Neijens wordt in documenten ook als Neijnens en Nijnens vermeld.
Het echtpaar Warnotte-Joosten woonde blijkens het bevolkingsregister 1850 – 1860 van de gemeente Weert in de Hegstraat.
Behalve Willem Warnotte en Maria Elisabeth Joosten hebben in die periode in die woning, ook andere personen gewoond, namelijk:
*Maria Warnotte, geboren op 6 juli 1834 te Tongeren, België, gehuwd met Franz Hubert Stocks, kleermaker, afkomstig uit Erkelenz, Pruissen. Als beroep van Maria Warnotte is in de huwelijksakte dagloonster vermeld.
*Maria Louisa Warnotte, op 2 augustus 1837 geboren te Venlo, gehuwd met Petrus Hendrikus Bloemers, rondgaande muzijkant, afkomstig uit Beegden Als beroep van Maria Louisa Warnotte is in de huwelijksakte zangster vermeld.
Maria en Maria Louisa Warnotte zijn dochters van Willem Warnotte en zijn tweede echtgenote Johanna Neijnens.
*Jacobus Knapen, geboren op 8 juli 1823 te Weert, zoon van de bij de geboorte ongehuwde Maria Knapen, beroep werkman/marskramer/scharenslijper, op 1 mei 1849 te Weert gehuwd met Johanna Nijnens, geboren op 14 oktober 1829 te Maarheeze, dochter van de bij de geboorte ongehuwde Johanna Nijnens.[i] Johanna Nijnens was volgens de huwelijksakte zonder beroep.
*Jan Mathijs Knapen, geboren 30 september 1850, zoon van Jacobus Knapen en Johanna Nijnens.
[i] De moeder van Jacobus Knapen is Maria Knapen, dagloonster, weduwe van Pieter Claessens. Jacobus Knapen is geboren in het Gasthuis op de Biest. De vader van Jacobus Knapen is niet bekend.
Bron: Netherlands, Limburg, Civil Registration, 1792-1963; https://familysearch.org/ark:/61903/3:1:939F-1L9Q-F3?cc=2026214&wc=2KCZ-M56%3A343129301%2C34346670
Wie was Petronella Gijbels?
Maria Petronella Gijbels is geboren op 6 juni 1832 te Weert. Op 26 maart 1850 schonk zij op 17-jarige leeftijd te Weert het leven aan Joannes Hubertus Gijbels. Zij was toen ongehuwd. De geboorteaangifte werd gedaan door haar vader, Renier Gijbels, linnenwever, wonende in de Hegstraat.
Op 11 juni 1852 werd te Broekhuizen aangifte gedaan van de geboorte van Theodorus Gijbels, zoon van Petronella Gijbels, liedjeszangeres, wonende te Weert. De geboorteaangifte werd gedaan door de 23-jarige Hubertus Beumer, zanger, wonende te Weert.
Op 28 februari 1855 is Petronella Gijbels te Weert getrouwd met deze Hubertus Beumer, geboren op 24 januari 1827 te Uden. Bij gelegenheid van dat huwelijk hebben de echtelieden Johannes Hubertus Gijbels en Theodorus Gijbels erkend en gewettigd. Beide kregen de achternaam Beumer.
Een kleine twee maanden na dit huwelijk werd op 15 maart 1855 in Schimmert hun dochter Maria Gertrudis Beumer geboren. Als woonplaats van de ouders is in de geboorteakte Weert vermeld, als beroep van de vader venter.
Uit het bevolkingsregister 1860- 1880 van de gemeente Weert blijkt dat Petronella Gijbels, Hubertus Beumer en hun kinderen in dezelfde woning woonden als de vader van Petronella Gijbels, Renier Gijbels. Als beroep van Renier Gijbels is wever vermeld en als dat van Hubertus Beumer ”rondloopend muzykant”. Ook woonden daar de bij de scheldpartij in 1851 betrokken broer Hendrik Gijbels en de in Gorinchem geboren Theresia Maria van Burg.
De overlijdensplaatsen en -data van Petronella Gijbels en Hubertus Beumer heb ik niet achterhaald. Eind 1883 waren beide nog in leven. Dat blijkt uit de huwelijksakte van hun zoon Johannes Hubertus Beumer.
Johannes Hubertus Beumer, de gewettigde oudste zoon van Petronella Gijbels en Hubertus Beumer, is op 15 november 1883 te Luik getrouwd met Barbara Mols. Hij had toen de Nederlandse nationaliteit. Als zijn beroep is colporteur vermeld. De ouders van de bruidegom, Hubert Beumer, colporteur, en Petronella Gijbels, zonder beroep, waren niet bij de huwelijksvoltrekking aanwezig maar hadden hun toestemming verleend bij notariële akte van 24 september 1883, verleden voor notaris Goetsbloets te Hasselt[i]
Johannes Hubertus Beumer is op 25 februari 1882 op- 31-jarige leeftijd in Tongeren overleden.
Barbaar Mols is op 9 juni 1848 te Halle Booienhoven, Vlaams-Brabant, geboren en op 6 september 1912 op 64- jarige leeftijd overleden te Tongeren. Als haar beroep is rondleurster vermeld. Het echtpaar Beumer-Mols heeft vijf kinderen gekregen, waarvan er drie jong zijn gestorven.
Wie was Hendrik Gijbels?
Hendrik Gijbels is 30 september 1827 geboren te Weert. Op 4 september 1863 is hij te Weert getrouwd met Theresia Maria van Burg, geboren op 15 december 1840 te Gorinchem. Voor het huwelijk woonde Theresia Maria van Burg al in het huis van haar toekomstige schoonvader en man. Op 19 februari 1868 zijn de echtelieden Gijbels en van Burg in Weert uitgeschreven in verband met vertrek naar Rotterdam. Daar hebben zij op verschillende adressen gewoond: 7 nummer 233 Bagijnenhof, Binnenweg 74, 26 en Jan van Loonslaan 28, 3. Hendrik Gijbels was sjouwer van beroep[ii] Hij is op 30 december 1896 te Rotterdam overleden. Zijn weduwe Theresia Maria van Burg woonde op Warmoezenierstaat 19/6 te Rotterdam. Haar beroep was waschvrouw.[iii] Zij is overleden op 16 januari 1910 te Rotterdam. Het echtpaar Gijbels-van Burg is kinderloos gebleven.
Epiloog
De banale scheldpartij in de Hegstraat in1851 leidde tot een tweetal rechtszaken voor het kantongerecht te Weert. Het verloop en de uitkomst daarvan geeft aanleiding tot de gedachte dat kantonrechter Van Schaeck een greep in de juridische gereedschapskist heeft gedaan om een veroordeling van de scheldende mevrouw Joosten te voorkomen.
Uit het onderzoek naar de betrokken personen rijst het beeld op dat die niet behoorden tot de doorsnee bevolking. De mannen hadden beroepen waar ze veel voor op pad waren: liedjeszanger, orgelspeler, vioolspeler, marskramer. Een aantal vrouwen is ongehuwd moeder geworden. Wat verder opvalt is dat er nogal wat zogenaamde samengestelde gezinnen waren, niet ten gevolge van echtscheidingen, zoals in onze tijd, maar van overlijden.
[i] Ville de Liège, Actes de Mariages 1883, 939.
[ii] Archief Rotterdam
[iii] Bron: diverse Adresboeken Rotterdam.


