Project Wieërter oorlogslaeve belaeve – 10 en 11 mei 2025

Bevrijding is een groot goed, maar zeker niet vanzelfsprekend. Tachtig jaar geleden is Weert bevrijd. Op 10 en 11 mei brengen beeld, muziek, toneel en persoonlijke verhalen het oorlogsverleden tot leven. Een re-enactment groep in militaire uniformen neemt het publiek mee terug in de tijd, in de vorm van levende geschiedenis. Oorlogsgetuigen delen hun indrukwekkende verhalen in unieke en nog nooit eerder vertoonde beelden van cineast Peter Crins.

 

Tijdens de lezing “Zwijgende vaders”, gegeven door Tim Overdiek op 10 maart 2025, werd het project “Wieërter oorlogslaeve belaeve” gelanceerd. Dit gebeurde door het overhandigen van het eerste kaartje voor het concert aan mevrouw Lies Coppen-Bergmans, die met een foto met de bevrijders op het affiche staat.

Het project “Wieërter oorlogslaeve belaeve” is een samenwerkingsverband van de beide mannenkoren Eendracht Swartbroek en het Weerter Mannenkoor, de Geschied- en Oudheidkundige Kring De Aldenborgh en Harmonie van het Heilig Hart Altweerterheide. Hoogtepunt zijn de concerten met re-enactment in het Franciscushuis aan de Biest in Weert op zaterdagavond 10 mei om 19.30 uur en zondagmiddag om 11 mei om 14.00 uur. Uiteraard ook weer met nooit vertoond filmmateriaal van Peter Crins.

Hieronder enkele getuigen van de oorlog in Weert, die cineast Peter Crins in het verleden voor zijn camera kreeg en die tijdens de concerten de rode draad van het programma vormen.

Kaartjes voor het project Wieërter oorlogslaeve belaeve op 10 en 11 mei 2025 zijn verkrijgbaar via het Munttheater. Klik hier voor een promofilmpje.

 

Het einde der tijden voor ogen – Aldenborgh lezing door kunsthistoricus dr. Frans Nies

De angst voor het einde der tijden gaat ver terug, en alle voorspellingen ten spijt zijn we er nog. In het christendom komt die vrees tot een absolute climax in de late middeleeuwen, de tijd waarin ook Jheronimus Bosch (ca.1450-1516) leeft en werkt. In de zestiende eeuw, de periode van de Reformatie, wordt de overtuiging zelf te leven in de eindtijd volop uitgedragen door Luther en zijn navolgers. Zij ziende paus als de antichrist, waarvan men geloofde dat die aan het einde der tijden zijn opwachting zou maken. Die angst vinden we uiteraard ook terug in de beeldende kunsten, waar die eveneens tot een hoogtepunt komt in de periode rondom Jheronimus Bosch.

In zijn lezing vertelt kunsthistoricus Frans Nies hoe zich deze angst voor het einde der tijden heeft ontwikkeld, en laat hij zien hoe deze werd verbeeld en al snel werd ingezet als politiek middel. Zou dat hebben bijgedragen aan de verdenking dat het werk van Bosch ketters zou zijn?

 

Dr. Frans Nies (Weert, 1956)

Na zijn middelbare schoolopleiding aan het Bisschoppelijk College (1975) in Weert wilde Frans Nies Geschiedenis studeren aan de Katholieke Universiteit in Nijmegen, maar kwam hij bij Rechtsgeleerdheid terecht. Ruim twee jaar later besloot hij om van zijn toenmalige hobby zijn beroep te maken en stapte hij over naar de opleiding grafisch ontwerpen in Utrecht. Hij vestigde zich als ontwerper in Nijmegen. Daaruit groeide ontwerpbureau Nies en Partners bno dat in 2014 fuseerde met een communicatieadviesbureau, waarbij Frans Nies zijn aandelen verkocht. September van hetzelfde jaar begon hij met zijn studie Kunstgeschiedenis aan de Radboud Universiteit. Zowel zijn bachelor- als masterdiploma behaalde hij cum laude, waarna hij in 2018 aan dezelfde universiteit een promotieonderzoek begon onder supervisie van kunsthistoricus prof. dr. Jos Koldeweij en kerkhistoricus dr. Charles Caspers. April 2023 verdedigde hij met succes zijn proefschrift Het einde der tijden voor ogen, dat werd gepubliceerd in de reeks Nijmeegse Kunsthistorische Studies (xxxi). Sinds zijn promotie is Frans Nies part time zelfstandig onderzoeker.

 

Praktische Informatie

wat: Lezing Het einde der tijden voor ogen
door: Kunsthistoricus Frans Nies
wanneer: 15 april 2025
aanvang: 19.30 uur
waar: Brasserie-hotel Antje van de Statie, Stationsplein 1, 6001 CH Weert
entree: gratis

 

Lezing “Zwijgende Vaders” en reportage “Van de Bera naar Buchenwald” – 10 maart 2025

De Arbeitseinsatz

De Arbeitseinsatz is nog altijd een onderbelicht hoofdstuk in de Nederlandse geschiedenis van de Tweede Wereldoorlog.

Meer dan een half miljoen Nederlandse mannen werden tijdens de Tweede Wereldoorlog gedwongen om in Duitsland te werken. Deze Arbeitseinsatz was een cruciale en nietsontziende manier voor de Duitsers om de oorlog vol te kunnen houden. Over wat ze in Duitsland hadden meegemaakt, zwegen de meeste dwangarbeiders later.

Ook Paul Overdiek, de vader van Tim Overdiek (59), moet gedwongen dwangarbeid in Duitsland verrichten. Tim verliest zijn vader als hij dertien jaar is. Hij schuift de rouw daarover voor zich uit totdat hij een leeftijd bereikt die zijn vader nooit heeft gehaald.

In het boek “Zwijgende Vaders”, vorig jaar verschenen en al toe aan de derde druk, reconstrueert Overdiek na een lange speurtocht op onvergetelijke wijze de lotgevallen van zijn vader en de mensen om hem heen, die in 1943 vanuit Tilburg naar een Duitse fabriek vertrokken. Het is een ultieme poging om hun verhalen alsnog te vertellen, als eerbetoon aan die vele, heel gewone Nederlandse jongens die terechtkwamen in de Duitse oorlogsmachine.

 

Paul Overdiek, tweede van links, bij Edelstahlwerke in Krefeld.

 

Ook wordt het noodlottig verhaal van dwangarbeider Matthias Tillemans uit Weert belicht. Matthias Tillemans is op 13 maart 1913 in Weert geboren. Tillemans is tijdens een bombardement door de geallieerden op 1 oktober 1944 in Krefeld omgekomen. Op de dag dat zijn zoontje Piet in Weert vijf jaar werd.

Tim Overdiek deed een enorme zoektocht om meer over Matthias Tillemans te weten te komen en nabestaanden van hem te vinden. Het was voor de kleindochter van Matthias Tillemans een enorme openbaring, toen hij haar kon vertellen waar Matthias Tillemans was herbegraven.

 

Begrafenis Matthias Tilllemans op 7 oktober 1944 in Krefeld.

 

Wie ook in het boek voorkomt, is de destijds in Weert woonachtige Joop Stapel, vader van de acteur Huub Stapel. Hij werd naar Duitsland afgevoerd om gedwongen te werken in een fabriek van IG Farben in Uerdingen (bij Krefeld).

Tim Overdiek, auteur van boek Zwijgende Vaders.

Wij zijn bijzonder verheugd dat Tim Overdiek naar Weert wil komen om zijn boek en het onderbelichte verhaal over de dwangarbeid in Duitsland te vertellen en te duiden.

Tim Overdiek is schrijver en therapeutisch coach. Hij was jarenlang journalist voor NOS Nieuws in binnen- en buitenland. Dat maakt hem een ervaren verteller en luisteraar, die graag met zijn publiek en lezers in gesprek gaat.

Het verhaal vindt veel weerklank bij de mensen, die stuitten op een hardnekkig stilzwijgen van hun vader, moeder of ander familielid zodra de Tweede Wereldoorlog ter sprake kwam.

Elke familiegeschiedenis heeft zijn eigen geheim, zijn eigen pijn of verdriet, en dat maakt de lezing Zwijgende Vaders tot zo’n herkenbare getuigenis.

Bezien vanuit de blik van (klein)kinderen raakt Tim Overdiek thema’s als openheid, mildheid, schaamte en schuld, vergeving en intergenerationeel trauma aan.

Thuisfront van de dwangarbeiders

Ons lid, cineast Peter Crins uit Leveroy, dook in zijn filmarchieven. Hij laat enkele familieleden van dwangarbeiders kort aan het woord om te verhalen hoe zij de onzekerheid en afwezigheid beleefden.

 

 

Van de Bera naar Buchenwald

Jac Slenders.

De oorlogsgeschiedenis van Jac Slenders, vanne Slemp van Boshoven, is zeer bijzonder. Op 14-jarige leeftijd, in 1933, begon hij bij de Bera (Tricotage) te werken. Tijdens de oorlog moest hij zich melden voor de Arbeitsinsatz. Uiteindelijk kwam hij in het concentratiekamp Buchenwald terecht. Daar ontmoette hij directeur Beeren van de Bera, die daar ook gevangen zat. In het kamp kreeg men informatie door van de lotgevallen van andere Weertenaren die in de kampen zaten. Door toeval ontsnapte Slenders meermaals aan de dood. Jac Slenders kwam na veel omzwervingen samen met de Stramproyer Thei Houben (1922-2009) tijdens de Bevrijdingsdagen in Weert aan. De kille ontvangst daar viel hen zwaar.

Aan cineast Peter Crins uit Leveroy vertelde Jac Slenders zijn verhaal die het tot een korte reportage verwerkte. Zijn aangrijpende getuigenis is een mogelijk antwoord op de vraag waarom er na de oorlog vaak gezwegen werd.

Gevangenen in Buchenwald.

 

Praktische Informatie

wat: Lezing “Zwijgende Vaders” en reportage “Van de Bera naar Buchenwald”
door: Tim Overdiek
wanneer: maandag 10 maart 2025
aanvang: 19.30 uur
waar: Munttheater Weert, Collegeplein 3 6001 HN Weert
entree: € 5,- (contant te voldoen bij binnenkomst)

 

Registratie voor cursus Weerterlogie voorjaar 2025

Iedereen die zich heeft aangemeld voor de cursus Weerterlogie voorjaar 2025 vragen we om onderstaande formulier in te vullen. Sinds kort hebben we deze functionaliteit aan onze website toegevoegd. Het helpt ons om uw gegevens correct te vermelden op het getuigschrift dat u aan het eind van de cursus ontvangt. Het invullen kost nog geen 3 minuten. U helpt ons er enorm mee. Alvast hartelijk dank!

Klik hier voor meer praktische informatie over de cursus Weerterlogie voorjaar 2025.

https://dealdenborgh.nl/formulier-registratie-weerterlogie-voorjaar-2025/

 

Zet in de agenda: evenement ‘Wieërter oorlogslaeve belaeve’ – 10 en 11 mei 2025

In het kader van 80-jaar bevrijding (5 mei 1945) vindt op 10 en 11 mei 2025 ‘Wieërter oorlogslaeve belaeve’ plaats. Met optredens van het Mannenkoor Eendracht uit Swartbroek, de harmonie Heilig Hart uit Altweerterheide en en het Weerter Mannenkoor. Er komen persoonlijke verhalen over de oorlogstijd aan de orde en er treedt een re-enactment groep op. 

Verslag lezing ‘De Kulturkampf en de kloosters in Limburg’ – 13 januari 2025 in Munttheater

Lezing door prof. dr. Peter Nissen 

Verslag: Wil Filott 

Welkom
Peter Korten kon in de foyer van het Munttheater 84 bezoekers verwelkomen. Hij memoreerde dat enkele weken voordien een nog groter aantal bezoekers de zeer actuele bijeenkomst over de openbaarheid van oorlogsarchieven had bezocht. 

Publiek in de foyer van het Munttheater in Weert.

Peter Korten deelde mee dat in de afgelopen periode drie prominente leden zijn overleden: 

  • Thijs Stultiëns uit Gorcum
  • Har Heijmans, amateur-archeoloog uit Ittervoort
  • Hub Latten, Franciscaan, kloosterling

Op verzoek van Peter werd een minuut stilte in acht genomen ter nagedachtenis aan de overledenen. 

Peter Korten.
Peter Nissen.

 

In het kader van het onderwerp van de lezing van vanavond bracht Peter in herinnering dat Weert ook bekend stond als stichtstad. De stad kende veel religieuze instellingen. Met die mededeling gaf hij het woord aan prof. dr. Peter Nissen.

 

 

 

 

 

Lezing door Peter Nissen 

Naamdag

Peter Nissen begon zijn lezing met de mededeling dat het vandaag, 13 januari, de naamdag is van de heilige Hilarius. Deze was bisschop van Poitiers. Daar werd hij opgezocht door de heilige Martinus van Tours, die op dat moment nog slechts de lage wijding van exorcist had ontvangen.  

 

Meisjesonderwijs in Weert 

Grand Café Het Klooster.

Sinds 1848 kende Nederland formeel vrijheid van godsdienst. Frans Boermans was van 1863 tot 1887 deken van Weert. Later werd hij bisschop van Roermond, een bisdom, waarvan de grenzen samenvielen met die van de provincie Limburg. In zijn Weerter periode zocht Boermans naar zusters die onderwijs konden geven aan meisjes. Via een advertentie kwam hij in contact met zusters Ursulinen in Dorsten. Deze waren ten gevolge van de Kulturkampf gedwongen Duitsland te verlaten. De zusters kwamen in 1875 naar Weert en vestigden zich in een woning hoek Langstraat-Molenstraat (nu Van Berlostraat).

Voorgevel van het klooster aan de Langstraat.

In dat thans leegstaande pand was tot een aantal jaren geleden het Grand Café Het Klooster gevestigd. De Ursulinen pakten het onderwijs voortvarend aan en stichten een complex van gebouwen, waarin onderwijs van allerlei niveaus (Huishoudschool, mulo, mms) werd gegeven. Zij hadden tot de tweede wereldoorlog een pensionaat, aanvankelijk voor Duitse meisjes. Het middelbaar onderwijs is opgegaan in het Philips van Horne.  

Het grootste deel van het kloostercomplex is afgebroken maar de kapel en de voorgevel van het klooster aan de Langstraat zijn behouden gebleven. De laatste ursulinen zijn in 1989 uit Weert vertrokken.  

 

De Kulturkampf 

De voorgeschiedenis van de Kulturkampf gaat terug naar het Congres van Wenen in 1815, waar na de val van Napoleon nieuwe grenzen in Europa werden getrokken. Daaruit vloeide onder meer de vorming van het Verenigd Koninkrijk der Nederlanden uit voort. Belangrijker was dat het eeuwenoude Heiliges Römisches Reich Deutscher Nation ophield te bestaan en een Duitse bond van 39 staten, waaronder het katholieke Oostenrijk, werd gecreëerd. Het katholieke Rijnland kwam te ressorteren onder de Lutherse koning van Pruisen.  

In 1825 kwam het tot een confrontatie tussen de Pruisische overheid en de katholieke kerk. In dat jaar werd een wet uitgevaardigd dat kinderen uit een gemengd huwelijk moesten worden opgevoed in de godsdienst van de vader. Om het protestantisme in het Rijnland een impuls te geven, werden protestantse vrijgezellen naar het Rijnland gestuurd. Zoals dat gaat, kwam het tot huwelijken tussen die protestantse mannen en katholieke meisjes. Dat hun kinderen protestants opgevoed moesten worden, was tegen de leer van de katholieke kerk, die bepaalde dat kinderen uit een gemengd huwelijk katholiek opgevoed moesten worden.  

 

Na de Frans-Duitse oorlog van 1870 

Na de door de Duitsers gewonnen Frans-Duitse oorlog (1870-1871) werd in de Duitse landen het zogenaamde Tweede Rijk gevormd onder keizer Wilhelm I, ditmaal zonder Oostenrijk.  

Tweede Rijk gevormd onder keizer Wilhelm I.

Bismarck werd gezien als de grote overwinnaar. Hij werd in 1871 Reichskanzler. Hij beschouwde de katholieken als conservatief. In 1864 had paus Pius IX de encycliek Quanta cura uitgevaardigd waarin een lijst van ‘dwalingen’ was opgenomen zoals de scheiding van kerk en staat en de vrijheid van drukpers. In 1870 werd tijdens het eerste Vaticaans concilie het dogma van de pauselijke onfeilbaarheid afgekondigd als de paus ex cathedra sprak. Dat viel niet bij iedereen in goede aarde. Binnen de katholieke kerk was de Duitser Von Döllinger, rector van de Universiteit van München, een van de grootste critici. In dezelfde periode stond Garibaldi, die streefde naar staatkundige eenheid in Italië, voor de poorten van Rome.  

Als tegenwicht tegen het overheersende Pruisische protestantisme ontstond een organisatie van katholieke intellectuelen: de Zentrumpartei.  

 

Anti-roomse wetten en maatregelen  

De Pruisische regering wilde de invloed van de katholieke kerk terugdringen. In de jaren zeventig van de 18de eeuw werd een aantal wetten en maatregelen ingevoerd. In 1871 werd de zogenaamde Kanzelparagraph van kracht: een verbod om vanaf de preekstoel politieke opvattingen te verkondigen. In 1871 werd de Katholische Abteilung van het Kultusministerium opgeheven. Ook werden de Maigesetze ingevoerd. Toekomstige priesters werden verplicht drie jaren aan een staatuniversiteit te studeren. Kerkelijk vermogen moest door leken worden beheerd. Het burgerlijk huwelijk werd verplicht en moest eerst voltrokken zijn voor er een kerkelijk huwelijk gesloten mocht worden. 

In 1875 vaardigde paus Pius IX de encycliek Quod nunquam uit, waarin de maatregelen van de Duitse overheid tegen de katholieken ongeldig werden verklaard. In Pruisen werd als reactie het Brotkorbgesetz ingevoerd, waarbij de staatsteun aan katholieke instellingen werd beëindigd. 

De gespannen verhouding tussen de rooms-katholieke kerk en Pruisen in de jaren zeventig en tachtig van de 19de eeuw is door Rudolf Kirchow gemunt met het woord Kulturkampf. De Kulturkampf is in de kern een strijd tussen het verlichte, Pruisische protestantisme en de behoudende, obscurantistische katholieke kerk. 

Al die anti-roomse maatregelen hadden desastreuze gevolgen voor de clerus. In 1881 had 25% van de parochies geen geestelijken meer. In het bisdom Trier zaten 50 priesters in de gevangenis. In 1870 waren nog slecht 4 bisschopszetels bezet. Aartsbisschop Melchers van Keulen bestuurde zijn bisdom enkele jaren vanuit het Minderbroedersklooster te Maastricht; bisschop Martin van Paderborn deed dat vanuit kasteel Neubourg te Gulpen. 

Na het aantreden van paus Leo XIII trad er verbetering op in de relatie tussen het Duitse keizerrijk en het Vaticaan. Na 1880 kwamen er in Duitsland zogenaamde Milderungsgesetze, waarin maatregelen tegen katholieke instellingen werden teruggedraaid. 

 

Kloosterlingen in ballingschap 

Plaquette op de Canossasaüle in Bad Harzburg.

In 1872 werden leden van de Jezuïetenorde en enkele andere kloosterorden verbannen (Jesuitengesetz). Dat leidde tot een protest van paus Pius IX. Bismarck reageerde daarop met “Nach Canossa gehen wir nicht, weder körperlich noch geistlich”: een uitspraak die verwees naar de vernederende gang van de Duitse keizer Hendrik IV in 1077 naar de Italiaanse plaats Canossa om de paus te smeken de over hem uitgesproken kerkelijke ban op te heffen. 

In 1875 werden alle kloosters verboden, behalve die aan ziekenzorg deden (Klostergesetz). Dat leidde tot een grote uittocht van kloosterlingen. Zo gingen Norbertijnen naar de Verenigde Staten om pastorale zorg te verlenen aan katholieke emigranten. Ook gingen er zo’n 100 Franciscanen naar Amerika. Een aantal van hen ging naar Weert, waar al eeuwen een klooster van Franciscanen was. Van de gevluchte kloosterlingen vertrok ongeveer een derde deel naar Nederland. Ondanks het nog in Nederland voorkomende antipapisme ging dat soepel. Redenen daarvoor waren: 

  • Nederland kende een lange traditie van het opnemen van vluchtelingen wegens geloofsovertuiging (Hugenoten, Joden, Hernhutters)
  • er was een afkeer tegen de onverdraagzame Kulturkampf
  • immigranten werden volgens de Vreemdelingenwet 1849 toegelaten, mits zij voor hun eigen levensonderhoud zorgden en de openbare orde niet verstoorden

 

Duitse kloosterlingen in Limburg 

Van de Duitse kloosterlingen in Nederland kwam een substantieel deel naar Limburg. Redenen daarvoor waren: 

  • de lange grens tussen Limburg en Duitsland
  • een homogeen katholieke bevolking
  • bij de volkstelling van 1899 gaf 99% van de Limburgers op katholiek te zijn
  • de communicatie met de bevolking was vanwege het dialect redelijk gemakkelijk
Bisschop Paredis.

In de Franse tijd waren de kloosters opgeheven. Bisschop Paredis van Roermond wilde weer meer kloosters in zijn bisdom. De Duitse kloosterlingen waren dan ook welkom in zijn bisdom Roermond. Andere Nederlandse bisschoppen hadden niet zo veel op met die Duitse kloosterlingen.  

In 1801 was het oude bisdom Roermond door de Fransen opgeheven. Vanaf die tijd ressorteerde een groot deel van Limburg onder het bisdom Luik. Na de afscheiding van Nederlandse Limburg in 1839 van België werd in Nederlands Limburg een apostolisch vicariaat ingesteld met deken Joannes Paredis, geboren in Bree (België) als apostolisch vicaris. Na het herstel van de bisschoppelijk hiërarchie in 1853 werd het (tweede) bisdom Roermond opgericht met Paredis als bisschop. 

 

Duits-Limburgse heiligen

Dr. Edith Stein.

Een aantal van de uit Duitsland afkomstige kloosterlingen, die zich in Limburg haden gevestigd, is heilig verklaard: Arnold Janssen, Maria Helena Stollenwerck. Josepha Stennmans, Maria Teresa Tauscher en Clara Fey. 

In zekere zin is ook dr. Edith Stein daartoe te rekenen. Zij was een Duitse, Joodse filosofe, die zich bekeerd had tot het katholieke geloof en tot de orde der karmelietessen toegetreden was. Voor de tweede wereldoorlog was zij gevlucht uit Nazi-Duitsland en ingetreden in de Karmel te Echt. Zij is daar in 1942 door de Gestapo opgepakt in het kader van de vergeldingsactie van de Duitsers tegen de bisschoppelijke veroordeling van de deportatie van Joden. Zij is in een concentratiekamp omgebracht. In 1898 is zij heilig verklaard. 

 

Kloosters in Limburg van gevluchte kloosterlingen 

De eerste gevluchte Jezuïeten, een zekere elite-orde, vonden onderdak in kastelen (kasteel Bleijenbeek te Afferden, kasteel Wijnandsrade en kasteel Exaeten te Baexem). Rond 1895 vestigden zij zich in een nieuw groot klooster in Valkenburg. Dat klooster werd een centrum van intellectueel leven. Van daaruit werd het tijdschrift Stimmen der Zeit uitgegeven.

Kloosterdorp Steyl.

In Steyl stichten meerdere Duitse orden kloosters. Arnold Janssen uit Goch stichtte het klooster van de Societas Verbi Divini (SVD). Bij het klooster hoorde ook een drukkerij. Het acroniem SVD werd dan ook ‘vertaal’ met Sie Verkaufen Drücksache. Later vestigden zich in Steyl de Dienaressen van de Heilige Geest en de Dienaressen van de Heilige Geest van de Altijddurende Aanbidding. Deze laatste is een beschouwende orde van slotzusters die zich tot op de dag van vandaag gedurende 24 uur per dag wijden aan gebed. 

Klooster Bleijerheide.

In Limburg vestigden zich ten gevolge van de Kulturkampf 17 Duitse orden en congregaties, die zo’n 45 nieuwe kloosters stichten. Er ontwikkelde zich zelfs een soort kloosterarchitectuur. Voorbeelden daarvan zijn de Karmel in Echt en het klooster Bleijerjheide. 

Dat klooster Bleijerheide kende ook een zwarte bladzijde in de 20ste eeuw. In de roman ‘Het hout’ van Jeroen Brouwers is in Blijderhage het jongenspensionaat in Bleijerheide te herkennen. Daarin komen mishandeling en seksueel misbruik door broeders aan de orde, onder ander door broeder Mansuetus. Met dit niet zo vrolijke aspect van de Duitse kloosterlingen in Limburg besloot Peter Nissen zijn lezing. 

 

Vragen 

Uw verslaglegger stelde de vraag of de abdij Lilbosch in Echt, die ook in die tijd is gesticht en waar tot de tweede wereldoorlog een school met internaat was voor Duitse jongens, ook een relatie had met de Kulturkampf. Peter Nissen vertelde dat die abdij is gesticht vanuit de abdij de Achelse Kluis op de grens in België en Nederland gelegen nabij Valkenswaard. Peter Korten, altijd kien op een relatie met Weert, vertelde dat een Weertenaar de monniken van de Achelse Kluis had geattendeerd op Lilbosch als vestigingsplaats voor een nieuw klooster.  

Peter Nissen onthulde dat Weert ten grondslag ligt aan het boek ‘Roermond, biografie van een stad en haar bewoners’.  Na het afscheid van een directeur van de Rabobank Roermond, raakte hij in gesprek met Hein van der Bruggen. Die zei dat er over Weert recent twee historische boeken van Jean Coenen waren verschenen en dat een derde op stapel stond. Over Roermond was nog niets van dat niveau verschenen. Dat gesprek leidde ertoe dat Peter Nissen en Hein van der Bruggen een boek hebben geschreven over de historie van Roermond. 

Peter Korten vroeg wat er moest gebeuren met het religieus erfgoed? Er zijn al veel gebouwen vrijgekomen. Vele zullen volgen, waaronder ook parochiekerken. Peter Nissen antwoordde dat het in zijn ogen goed zou zijn een prioriteitenlijst op te stellen, waarop iedere bouwstijl, die het waard is bewaard te blijven, vertegenwoordigd zou moeten zijn. Wat betreft kerkgebouwen in dorpen zag hij mogelijkheden voor gebruik als gemeenschapshuizen met voorzieningen voor de inwoners. 

Peter Korten bedankte daarna de spreker voor zijn boeiende lezing. Als dank overhandigde hij hem het boek ‘Parel van de heide’. Hij zei dat hij normaliter Roermond betitelde als een plaats tussen Asenray en Horn, maar dat hij dat in het vervolg kon vervangen door tussen Swalmen en Linne, de plaatsen waar Peter Nissen is geboren resp. opgegroeid. 

___________________________________________________________________________________

 

Volgende activiteiten:

  • 10 maart 2025: lezing door Tim Overdiek over de Arbeitseinsatz met beeldmateriaal van Peter Crins en aandacht voor de kerkrazzia aan de oostkant van de Maas.  
  • 10 en 11 mei: ‘Wieërter oorlogslaeve belaeve’ met optredens van het Mannenkoor Eendracht uit Swartbroek, de harmonie Heilig Hart uit Altweerterheide en en het Weerter Mannenkoor. Er komen persoonlijke verhalen over de oorlogstijd aan de orde en er treedt een re-enactment groep op. 
  • de cultuurhistorische zomer: op vette dinsdag (carnavalsdinsdag) wordt het programma daarvan vastgesteld. 

 

 

 

 

 

 

Voorjaarscursus 2025 Weerterlogie volgeboekt

Dat de Aldenborgh-cursus Weerterlogie populair is, is bekend, maar dat binnen enkele de dagen de voorjaarscursus volgeboekt is, overtreft alle verwachtingen. Dus in april zal de 750ste Weerterloog worden geïnstalleerd.

Men kan zich niet meer opgeven voor de voorjaarscursus. Wie op de hoogte wil blijven of zich alvast wil aanmelden voor de najaarscursus Weerterlogie, kan dit melden aan het secretariaat van De Aldenborgh: info@dealdenborgh.nl.

Lezing – De Kulturkampf en de kloosters in Limburg – 13 januari 2025

Klooster ursulinen aan de Langstraat te Weert. Foto uit collectie Erfgoed Kloosterleven.

Ongeveer honderdvijftig jaar geleden streken maar liefst 45 Duitse kloostergemeenschappen op Limburgse bodem neer. Zo vestigden zich in 1876 de zusters ursulinen uit het Duitse Dorsten zich in Weert, waar zij ongeveer een eeuw onderwijs voor meisjes hebben verzorgd, op alle niveaus: van kleuteronderwijs via lagere en middelbare school tot avondonderwijs.

Zusters ursulinen in Weert rond 1878. Foto uit collectie Erfgoed Kloosterleven.

De komst van de Duitse kloosterlingen had te maken met een strijd tussen de Pruisische overheid en de rooms-katholieke kerk in Duitsland die bekend is geworden als de Kulturkampf.

Wat was de voorgeschiedenis van die strijd en waarin uitte het conflict zich? En waarom werden de pijlen juist op de kloosters gericht? En vervolgens: waarom vestigden zich zoveel Duitse kloostervluchtelingen in de Nederlandse provincie Limburg? En welke betekenis hebben zij hier gehad? Een belangrijk deel van de Duitse katholieke kerkgeschiedenis heeft zich namelijk op Limburgse bodem afgespeeld.

Deze vragen komen aan bod in de lezing die Peter Nissen op maandag 13 januari 2025 om 19.30 uur zal verzorgen.

 

De Aldenborgh bezocht op zondag 20 december 2015 Dorsten Met Weerter vlaai in het midden burgemeester Tobias Stockhoff van Dorsten. Foto Ada Schaad.

Spreker Peter Nissen

Peter Nissen.

Kerkhistoricus en theoloog Peter Nissen, geboren in Swalmen en opgegroeid in Linne, is hoogleraar kerkgeschiedenis, spiritualiteitsstudies en oecumenica geweest aan de Radboud Universiteit in Nijmegen en de Universiteit van Tilburg.

Behalve over zijn vakgebied publiceerde hij ook veel over de regionale geschiedenis van Limburg en Noord-Brabant, waaronder, samen met Hein van der Bruggen, een stadsgeschiedenis van Roermond.

 

 

 

 

 

Praktische Informatie

wat: Lezing De Kulturkampf en de kloosters in Limburg
door: Prof. Dr. Peter Nissen
wanneer: maandag 13 januari 2025
aanvang: 19.30 uur
waar: Foyer Munttheater Weert, Collegeplein 3 6001 HN Weert
entree: gratis

 

 

“Je kijkt anders naar je omgeving” – cursus Weerterlogie

Cursisten Weerterlogie – najaar 2024 – foto Johan Horst

Geboeid luisterden de Weerterlogen in spé onlangs naar docent Frits Nies. In de laatste les van de cursus Weerterlogie ging het over de geschiedenis van Weert na de Tweede Wereldoorlog. Over hoe Weert uit haar slaap ontwaakte. Van stichtstad veranderde in een industriestad. Bedrijven zoals De Bera tricotagefabriek, Verkade, Weerter luciferfabriek De Zwieëgel, meelfabriek, gasfabriek, Wertha brouwerij, scheepswerf, Landbouwbelang etc. vestigden zich hier. Het geheim? Opnieuw was Weert een kruispunt van wegen geworden. Denk aan de aanleg van de Zuid-Willemsvaart, de IJzeren Rijn, intercitystation en de snelweg A2.

 

Cursisten vertellen

Tot de cursisten behoort de 65-jarige geboren en getogen Weertenaar Johan Sijm. Zijn vader was militair en gelegerd in Weert. Johan heeft altijd in de gezondheidszorg gewerkt. Nu in België. “Doordat ik minder ben gaan werken, heb ik meer tijd. Het boeit me hoe Weert zich door de eeuwen heeft ontwikkeld. Een klein kneuterig stadje, dat tegelijkertijd onderdeel was van de wereldgeschiedenis. Zelf had ik het mooi gevonden als Weert meer met de historische mogelijkheden had gedaan.”

In de zaal zit ook Loeki van Maaren (78), de eerste vrouwelijke burgemeester van Weert. Ze heeft genoten van alle acht de lessen. “Iedere les was boeiend. Mede door de afwisseling van docenten, die het allemaal op hun eigen manier geweldig deden. Je denkt dat je alles weet, maar dat is niet zo.” Nu ze het rustiger aandoet, heeft ze meer tijd om zich in de eigen geschiedenis te verdiepen en boeken te lezen.

Dennis Verstappen (58), geboren en getogen Weertenaar, is facilitair manager op de Philips van Horne. Hij is vooral geïnteresseerd in het ontstaan van Weert in de oudheid. “Het is leuk om te horen wat er allemaal is gebeurd. De cursus is de moeite waard. Zeker als je hart hebt voor Weert.” Zelf wil hij het geleerde graag als stadsgids delen met anderen.

De vriendinnen Mariëtte Stevens en Liliane Heuts vinden het leuk dat ze de cursus samen hebben gevolgd. “Het is leuk om iets van de stad te weten waar je woont. Ongelooflijk hoeveel er is afgebroken.” Elly de Vreeze (74) sprak de middeleeuwen het meeste aan. “Als je van Weert houdt, is het leuk als je er meer over weet.”

 

“Anders kijken naar je omgeving”

Aan het eind van de avond overhandigde Peter Korten, voorzitter van de geschied- en oudheidkundig genootschap De Aldenborgh de getuigschriften aan de cursisten. “Door de cursus te volgen, ga je anders naar je directe omgeving kijken. Ook ontdek je dat de Weerter geschiedenis meerdere kanten heeft.”

De cursisten mogen zich nu officieel Weerterlogen noemen en zich scharen bij ruim 700 al bestaande Weerterlogen.

 

Nieuwe cursus Weerterlogie

In februari 2025 start weer een nieuwe cursus. Dit keer op maandagavonden.

03 februari 2025: dr. Henk Hiddink – prehistorie en oudheid
10 februari 2025: drs. John van Cauteren – middeleeuwen / 80-jarige oorlog
24 februari 2025: dr. Jos Wassink – 17de en 18de eeuw
17 maart 2025: Peter Korten – 19de eeuw
 24 maart 2025: drs. John van Cauteren – Weerter kunst
31 maart 2025: dr. Joost Welten – Franse tijd
07 april 2025: drs. Theo Schers – twee wereldoorlogen en interbellum
14 april 2025: drs. Frits Nies – opbouw en afbraak na WO II

 

Praktische informatie

wat: cursus Weerterlogie – voorjaar 2025
wie: stichting De Aldenborgh
waar:  8x maandagavonden, start 3 februari 2025
aanvang: 19.00 – 21.00 uur
waar: C-wartier, Beekstraat 54, 6001 GJ Weert
kosten: 121 euro
deelname: door overmaking van € 121 op bankrekening NL31RABO0176968334

t.n.v.  stichting De Aldenborgh Weert onder vermelding van ‘cursus’ en uw naam

 

[gravityform id=”4″ title=”true”]

 

De nieuwe Weerterlogen – najaar 2024. Foto’s Arjanne van Voorst