Op 29 april werden er weer 35 nieuwe Weerterlogen geïnstalleerd tijdens de laatste cursusavond van voorjaarseditie van de populaire cursus. En er is al veel interesse voor de najaarscursus. Sommige Weerterlogen hebben de cursus al twee keer gevolgd. Acht woensdagavonden op rij kennisnemen van de parel van immaterieel erfgoed, namelijk de Weerter historie. Dit kan in de cursus Weerterlogie van De Aldenborgh. Na de Wieërter Vastenaovundj start weer de voorjaarsaflevering. Inmiddels telt Weert al ruim 850 Weerterlogen. En de cursus kan zich nog steeds verheugen in belangstelling van jong (de jongste is 15) tot oud (de oudste is 94).
Dan weet je wat van je stad
Een van de parels van ons immaterieel erfgoed is dus de wetenschap van onze lokale (cultuur)historie. In een serie van acht dinsdagavonden verzorgen enthousiaste experts een gevarieerde introductie in cultuur en geschiedenis van Weert. Elke reeks eindigt met de feestelijke installatie van de nieuwe Weerterlogen door uitreiking van een fraai getuigschrift. Dit certificaat getuigt van: “Dan weet je wat van je stad.”
Voor wie?
De avondcursus Weerterlogie staat open voor iedereen met belangstelling en een warm hart voor Weert. Er is geen vooropleiding vereist. De opgedane kennis biedt ook een solide basis voor cultuurhistorisch actieve leden van diverse verenigingen.
Met de opgedane kennis kan iedereen na afloop de naaste omgeving verrassen met een inhoudelijke rondleiding door Weert en zo nog meer genieten van stad en regio.
Praktische informatie
De cursus vindt plaats van 7 oktober t/m 25 november op woensdagavonden van 19.00 tot 21.00 uur in het Cwartier aan de Beekstraat 54 in Weert. Voor nadere informatie en het inschrijf formulier klik hier.
Met de presentatie van het jubileumbier ‘Paol 60’ is het jubileumjaar 200 jaar Zuid-Willemsvaart officieel van start gegaan.
Afgelopen donderdag kwamen in de Wertha Mouttoren aan de Zuid-Willemsvaart in Weert de besturen van diverse vrijwilligersorganisaties en erfgoedverenigingen uit de regio bijeen. De bijeenkomst vond plaats onder aanvoering van de historische erfgoedorganisatie De Aldenborgh, die het jubileumjaar coördineert. Samen werd het eerste glas van het speciaal gebrouwen bier geproefd.
Het bier is een initiatief van Stichting Wertha Mouttoren en verwijst met zijn naam naar de historische kilometerpaal Paol 60 bij Klein-Leuken, die halverwege de route van Maastricht naar ’s-Hertogenbosch staat.
Daarmee symboliseert het bier niet alleen de geschiedenis van het kanaal, maar ook ontmoeting en verbinding.
De bijeenkomst vormde tevens een moment van ontmoeting voor de vele organisaties die betrokken zijn bij het jubileumprogramma. In 2026 staan tal van activiteiten gepland rond 200 jaar Zuid-Willemsvaart. Zo worden er begin juli historische rondvaarten en optredens op het water georganiseerd, vindt een lezingenreeks en symposium plaats over de geschiedenis en bedrijvigheid langs het kanaal en zijn er een fotowedstrijd en dialectpoëziewedstrijd rond het thema van het kanaal.
Ook krijgt het jubileum een internationaal tintje: op 8 juli verzorgt de Spaanse harmonie Banda Unió Protectora Musical de Llombai uit Valencia een bijzonder optreden vanaf een boot op de Zuid-Willemsvaart. Verder zijn er rondleidingen, culturele activiteiten en educatieve projecten, met als afsluiting een groot muziektheaterspektakel “Code Napoleon” in het Munttheater.
Met deze activiteiten staan de vrijwilligersorganisaties in Weert, Bocholt en Nederweert stil bij twee eeuwen Zuid-Willemsvaart – een waterweg die handel, bedrijvigheid en ontwikkeling naar de regio bracht en tot op vandaag een belangrijke rol speelt in het landschap en de geschiedenis van de streek.
Dit verhaal gaat overeen rechtszaak in 1876 voor het kantongerecht in Weert over de kwaliteit van geleverde hammen.i Behalve aan het proces zal ik ook aandacht besteden aan de hoofpersonen in deze zaak, waarbij een uitstapje naar naaste familieleden niet wordt geschuwd.
Wat was er aan de hand?
Een zekere J.L. Koeks bestelde in juli 1875 bij Lodewijk Jozef Franssen, winkelier aan de Markt te Weert, voor zijn handel een aantal hammen. Franssen leverde op 5 augustus 1875 vier hammen af bij Koeks. Deze reclameerde bij brief van 18 augustus 1875 aan Franssen dat drie van de geleverde hammen bedorven waren. Op 27 augustus 1875 stuurde hij de vier hammen terug naar Franssen omdat daar volgens hem wormen in zaten. Franssen weigerde de hammen terug te nemen.
Koeks wilde vanwege de slechte kwaliteit van de hammen de overeengekomen prijs voor de hammen niet betalen. Franssen liet het er niet bij zitten en daagde Koeks voor het kantongerecht te Weert.
In Weert was van 1842 tot 1934 een kantongerecht. Het werd opgericht op 1 januari 1842, toen de Nederlandse wetgeving op de rechterlijke organisatie – na de afscheiding van België – ook in Limburg van kracht werd. Het kantongerecht werd opgeheven per 1 januari 1934 als gevolg van een landelijke reorganisatie van de rechterlijke macht.
Wie was J.L. Koeks?
In het verslag in Het paleis van justitie wordt als achternaam van de koper van de hammen Koeks vermeld. De enige J.L. Koeks die ik heb kunnen vinden is Jacobus Ludovicus Koeks uit Antwerpen. Deze is volgens een huwelijksakte op 5 juni 1893 getrouwd met Maria Theresia Lembrechts. Als zijn geboortedatum is in die akte 3 december 1867 vermeld. Gelet op zijn leeftijd in 1875 zal hij niet de koper van de hammen geweest zijn.
Omdat mogelijk in het verslag niet de juiste achternaam vermeld is, ben ik verder onderzoek gaan doen. Na langdurig onderzoek naar onder andere de achternaam Hoeks ben ik gestuit op een zekere Joannes Ludovicus Kocks als getuige bij een kerkelijk huwelijk in Vaals op 20 mei 1841. Nader onderzoek leverde op dat deze Jan Lodewijk Kocks op 26 april 1813 te Vaals is geboren en op 11 mei 1886 te Vaals is overleden. In zijn overlijdensakte is als zijn beroep winkelier vermeld. Ik meen uit deze gegevens te mogen concluderen dat J.L. Koeks Jan Lodewijk Kocks uit Vaals is. Hierna zal ik de naam Kocks gebruiken.
Jan Lodewijk Kocks. Bron:Bevolkingsregister Vaals
Jan Lodewijk Kocks was blijkbaar een actief en ondernemend persoon. In mei 1870 werd hij gekozen tot raadslid van de gemeente Vaals. Als zijn beroep is toen koopman vermeld. Op 16 januari 1877 is hij een vennootschap onder firma aangegaan met een zekere Michaël Hubert Noppen. Het doel van die samenwerking was de papierfabricage in de fabriek van Noppen te Mechelen en het malen van graan in de daarbij gelegen Onderste Molen. Zowel de papierfabriek als de molen werd aangedreven door de rivier de Geul. De vennootschap was geen succes. In 1881 ging zij failliet. De papierfabriek en de molen werden verkocht.
Plaquette op de Onderste Molen in Mechelen.
Wie was Lodewijk Josef Franssen?
Lodewijk Josef Franssen is op 18 juni 1843 geboren te Horst. Zijn ouders waren Jan Christiaan Franssen, orgelmaker, en Johanna Janssen.
Geboorteakte Lodewijk Josef Franssen. Bron: Bevolkingsregister Horst.
Op 18 juni 1874 is hij in Roermond uitgeschreven wegens vertrek naar Weert. Hij had toen blijkbaar voor wat betreft de orgelbouw de (orgel)pijp aan Maarten gegeven. In het bevolkingsregister stond vermeld dat hij zonder beroep was. Als zijn godsdienst is in het register Nederlands Hervormd vermeld.
In september 1866 is Lodewijk Josef Franssen van Horst verhuisd naar Roermond. Hij is daar op 27 september 1866 ingeschreven in het bevolkingsregister. Als zijn beroep is orgelmakersgezel vermeld. Waarschijnlijk werkte hij bij zijn oudere broer Frans Mathijs Franssen. Deze was toentertijd in het bevolkingsregister geregistreerd als orgelfabrikant. Op 30 juni 1867 is Lodewijk Josef Franssen uit het bevolkingsregister van Roermond uitgeschreven vanwege vertrek naar `s Hertogenbosch. Op 11 februari 1868 is hij weer ingeschreven in Roermond, komend uit `s Hertogenbosch. Als zijn beroep is nu orgelmaker vermeld. Mogelijk is hij in `s Hertogenbosch in de leer geweest bij een orgelbouwer.
De vermelding Nederlands Hervormd is een foutje van een Roermondse ambtenaar. In de rij ingeschrevenen in het Roermondse bevolkingsregister, waarin ook Lodewijk Jozef Franssen staat, is bij iedere ingeschrevene “idem” vermeld, terwijl bij de bovenste ingeschreven persoon, de in Haarlem geboren ritmeester Hubrecht van Landschot, als godsdienst Nederlands Hervormd is vermeld. Bij de eerdere inschrijvingen van Lodewijk Josef Franssen is als zijn godsdienst Rooms-Katholiek opgenomen.
Lodewijk Joseph Franssenis op 29 mei 1874 te Weert getrouwdmetAnna Maria Theunissen. Als zijn woonplaats is in de huwelijksakte Roermond vermeld.Anna MariaTheunissen was weduwe van Jean Winand Severens, afkomstig uit Sittard, woonachtig in Weert.
Bij de geboorte op 10 februari 1852 van dochter Maria Judith Severens van het echtpaar Severens – Theunissen woonde datechtpaar aan de “Meikuil” te Weert. Jean Winand Severens was toen logementhouder van beroep. Hij is op 1 augustus 1873 te Weert overleden. In de Dood-akte is vermeld dat hij laatstelijk woonde op de Markt te Weert.
Maria Judith Severens is getrouwd met Camille Esser van de bekende firma Esser, gevestigd in de Maasstraat, gespecialiseerd in religieuze sieraden.
Anna Maria Theunissenis op 26 november 1824 geboren in Weert.Als beroep van haar vader is in de geboorteakte koopman vermeld.
Deel akte geboorteaangifte Anna Maria Theunissen. Bron: bevolkingsregister Weert.
De vader van Anna Maria Theunissen, Jacobus Theunissen, exploiteerde in 1844 op de hoek Markt-Maasstraat te Weert een herberg. Later is daar hotel De Hemel in gevestigd. Anno 2026 bevindt zich in dat pand, Markt 2, de winkel van Foto-Groep Weert. Let op de zonnewijzer die nu ook nog te zien is aan het pand.
Ingekleurde foto van hotel De Hemel, hoek Markt-Maasstraat. Originele bron: Weert is veranderd.
In de huwelijksakte van Lodewijk Josef Franssen en Anna Maria Theunissen is als beroep van de bruidegom koopman vermeld en van de bruid winkelierster. Degetuigen bij hethuwelijk waren Martinus JacobusHubertus Janssens, winkelier, Paulus Groenen, winkelier, Peter Mathijs Dirix, horlogemaker enJoseph Kneepkens, stadsbediende, allen bekenden van de bruid en woonachtig in Weert.
Deel huwelijksakte Lodewijk Jozef Franssen en Anna Maria Theunissen. Bron: bevolkingsregister Weert.
Lodewijk Jozef Franssen is op 17 februari 1877 op 33- jarige leeftijd overleden te Weert. De twee aangevers van zijn overlijden, Peter Matthijs Dirix en Paulus Groenen, waren ook getuigen geweest bij zijn huwelijk nog geen drie jaar eerder.
Overlijdensakte Lodewijk Jozef Franssen.
Exact twee jaar nahet overlijden van Lodewijk Joseph Franssenis AnnaMaria Theunissen op 17 februari 1879 in derde huwelijk getrouwd met de weduwnaar Michiel Mommersteeg, koopman, uit Hedikhuizen, thans gemeente Heusden.MichielMommersteeg is op 7 september 1902 te Weert overleden; Anna Maria Theunissen isop 14 maart 1903 te Weert overleden.
De zaak voor het kantongerecht te Weert
De zaak tussen Franssen en Kocks diende op de zitting van 7 januari 1876 van het kantongerecht te Weert. Kantonrechter was mr. Godefridus Antonius Hubertus Loix, geboren op 7 oktober 1824 te Stratum, Eindhoven, en overleden op 4 mei 1896 te Weert.
Hammen. Bron: https://pixabay.com/nl
Franssen eiste van Kocks betaling van de door hem geleverde hammen.Over de opdracht tot levering van hammen, de datum van levering, het gewicht en de te betalen koopprijs waren partijen het eens, maar niet over de kwaliteit van de hammen.
Kocks beweerde dat de door hem ontvangen hammen geheel of gedeeltelijk inwendig bedorven waren. Hij weigerde vanwege die bedorven staat de koopprijs te betalen. Hij zei ook dat Franssen aan hem had geschreven waarin hij had toegezegd de hammen terug te willen nemen. Op 27 augustus 1875 had hij de vier hammen, waarin volgens hem wormen zaten, teruggezonden aan Franssen, maar deze had geweigerd de hammen terug te nemen.
Franssen bracht daartegen in dat de hammen in goede staat waren afgeleverd. Hij ontkende verder een brief geschreven te hebben waarin hij toezegde de hammen terug te nemen.Kocks eiste als tegenvordering ontbinding van de koopovereenkomst met Franssen en subsidiair schadevergoeding.
Het vonnis van de kantonrechter
Kantonrechter Loix moest een antwoord op de hamvraag geven.Hij oordeelde dat Kocks er niet in geslaagd was te bewijzen dat Franssen een brief had geschreven waarin hij toegezegd had de hammen terug te zullen nemen. Hij had zo`n brief niet overgelegd.
Verder had Kocks de hammen in ontvangst genomen en deze zonder te reclameren langer onder zich te houden dan nodig was om de toestand van de hammen te onderzoeken. Kocks wist blijkbaar hoe een onderzoek naar de toestand van de hammen kon plaatsvinden. Hij had in zijn brief van 29 juli 1875 immers aan Franssen geschreven: “Dus onderzoek ze (de hammen) wel vóór het afzenden door het insteken van een metalen naald of mes, waaraan men dan kan ruiken of zij goed zijn of niet”.
Bovendien had Kocks in een aan de kantonrechter overgelegde conclusie van 10 december 1875 geschreven dat hij een deel van die hammen had verkocht en een deel had laten roken. Daardoor had hij volgens de kantonrechter in feite de levering goedgekeurd.
De kantonrechter oordeelde dat op grond van de in de procedure aan de orde gekomen gegevens de koop, levering en prijs van de hammen als onbetwist vaststonden. En verder dat Kocks geacht moest worden de levering goedgekeurd te hebben.
De vordering van Franssen tot betaling van de koopprijs achtte de kantonrechter gegrond.De tegenvordering van Kocks tot ontbinding van de koopovereenkomst wees hij af.Kocks werd veroordeeld om aan Franssen een bedrag van fl. 40.22 voor de hammen te betalen en tot betaling van alle kosten van het proces.Of Kocks betaald heeft, is verborgen in de schoot der goden.
Bronvermelding
i. Dit verhaal is mede gebaseerd op een verslag in Het paleis van justitie, 3 mei 1876.
In samenwerking met meer dan tien culturele organisaties uit Weert wordt momenteel gewerkt aan de ontwikkeling van een breed cultureel programma ter gelegenheid van 200 jaar Zuid-Willemsvaart. De activiteiten bestaan onder andere uit een tentoonstelling, een symposium, een grootschalige theatershow, rondleidingen en een internationale muzikale uitwisseling. U gaat hierover ongetwijfeld nog veel horen.
Om in de sfeer te komen geven we een krantenartikel weer uit 1826. BINNENLANDSCHE BERIGTEN – Weert (prov. Limburg), den 31 Augustus
De 24 en 25sten dezer maand zijn voor deze plaats alleraanmerkwaardigst geweest. Den
54sten verjaardag Z. M. onzen geëerbiedigden Koning, en tevens bepaald tot de opening der
Zuid-Willemsvaart, begaf zich de regering, door de overige ambtenaren dezer stad
vergezeld, des ochtends ten 11 ure, naar de parochiale kerk, alwaar het Te Deum plegtiglijk
werd gezongen. Des avonds ten 7 ure trok dezelfde stoet, waarbij uitgenodigd en
tegenwoordig waren twee ter dezer stede aanwezige heeren aspiranten-ingenieurs, naar het
bassin der Zuid-Willemsvaart bij deze stad, en plaatste zich in eene fraai versierde
opgespannen tent;het bassin was op de drie zijden met bekranste mastboompjes beplant en
alomme gefilumineerd; onder het spelen van harmonie muziek, het lossen van geschut en
werpen van vuurpijlen, werden onderscheidene gezondheidbeden aan HH. MM. Den
Koning en de Koningin, aan de Koninklijke familie, enz., op dit dubbel feest toepasselijk,
ingesteld, waarna de vergadering, ten half tien ure, onder het spelen van de nationale
liederen, het algemeen herhaald geroep van leve de Koning! en verlicht door fakkels, het
plein des bassins, waarop zich eene ontelbare meningte aanschouwers bevond,
verliet en zich op een in het logement bij den heer Clercx vervaardigd avondmaal begaf.
Des anderen daags…
Portret van inspecteur-generaal A.F. Goudriaan door Izaak Schouman, 1829.
Des avonds ten 10 ure, zag men de eerste schepen in onze aankomen; de hoog-edel gestrenge heer staadsraad, inspecteur-generaal Goudriaan, welke zich op een der vaartuigen bevond, trad, onder het spelen van eene treffelijke muziek en het lossen van geschut, in de tegenwoordigheid van eene verheugde menigte aanschouwers; aan land; aan het logement gekomen zijnde, heeft de harmonie zijn hoog-edel gestrenge eene serenade onder het algemeen gejuich van leve de Koning! gegeven.
Diep was de indruk van het aankomen der eerste vaartuigen op de gemoederen der aanwezigen; in dit oogenblik heerschte eene ….stilte, het fraaije weder, gedurende die twee dagen, de innerlijke gevoelens van dankbaarheid aan onzen goeden Koning, die het daarstellen der Zuid-Willemsvaart onder alle ingezetende te wege bragt, het voor de eerste reis uitdelen van prijzen in ons kollegie, dit alles gaf aanleiding om die onderscheidende feesten voor eene algemeene en grootsche voldoening vatbaar te maken.
Aan de hand van een reeks goed gedocumenteerde casussen belicht spreker Thieu Wieërsde historische evolutie van misdaad, misdrijf en straf in onze regio. Daarbij gaat de aandacht niet alleen uit naar de gepleegde feiten, maar ook naar de betrokken personen: zowel daders als slachtoffers die uit dit gebied afkomstig waren.
Een centrale vaststelling is dat de aard van de misdrijven doorheen de eeuwen opvallend weinig veranderde, terwijl de opvattingen over schuld, boete en bestraffing ingrijpende transformaties ondergingen.
Foto van de guillotine opgeslagen in het voormalig stadsmagazijn in de Dominicanenkerk te Maastricht. Foto: Beeldbank Historisch Centrum Limburg. Fotocollectie GAM 21134.
De lezing behandelt onder meer het gebruik van pelgrimages als straf- of verzoeningsmiddel, met bestemmingen als Jeruzalem, Rome en Compostella, maar ook meer regionale bedevaartsoorden zoals Wilsnack en Keulen.Daarnaast komt een “peijs” in Neeritter uit 1538 aan bod, evenals de oprichting van een zoenkruis na een dodelijk geweldsdelict.Verder wordt stilgestaan bij de vrouwengratie in Thorn van 15 mei 1651 naar aanleiding van een moordzaak, en bij de brandstichting in de Uffelsemolen en de moord op een dienstmeiddoor Jacobus Hallen, met bijzondere aandacht voor de gerechtelijke afhandeling in 1726.
Een belangrijk onderdeel vormt de bespreking van de bokkenrijderszaken uit Thorn en Geistingen (1785) en uit Neeroeteren (1790), met een late uitloper in Antwerpen in 1793. Deze dossiers maken duidelijk hoe sterk de rechtspraktijk kon verschillen tussen de lokale schepenbanken en het later ingevoerde Franse gerecht.
Ten slotte komen de guillotinering van drie inwoners uit het kanton Maaseik in Luik in 1798 aan bod – een primeur in de regio – evenals een late brandbrief uit 1822, geschreven door Mathijs Verkennis uit Hunsel aan Simon Bullens uit Stramproy.
Samen tonen deze voorbeelden een langzame maar fundamentele verschuiving: van openbare en vaak gruwelijke lijfstraffen naar vrijheidsstraffen, die de opkomst markeren van een moderner en meer gecodificeerd strafrecht. Met deze lezing deelt Thieu Wieërs zijn kennis en inzichten met ons, en nodigt hij uit tot een verdiepend begrip van het verleden van onze streek.
Spreker Thieu Wieërs
Thieu Wieërs
De heer Thieu Wieërs (Geistingen, 1942) was wiskundedocent bij het toenmalige Kruisherencollege in Maaseik en bouwde daarnaast gedurende meerdere decennia een indrukwekkende reputatie op als heemkundige en genealoog. Hij geldt als een autoriteit op het vlak van de lokale en regionale geschiedenis van Midden-Limburg en Belgisch-Limburg.
Hij is al 20 jaar mede-animator van de Cultuurhistorische Zomer en is al jarenlang docent van cursussen genealogie, waarin hij zijn expertise en methodiek op een toegankelijke en didactische manier overdraagt aan een breed publiek.In december 2022 kreeg hij de Cultuurprijs van de gemeente Kinrooi en de gouden speld van het LGOG voor zijn jarenlange inzet voor erfgoed, cultuur en geschiedenis.
Door zijn grondig archiefonderzoek, talrijke publicaties en lezingen heeft hij een blijvende bijdrage geleverd aan het bewaren en ontsluiten van het lokale erfgoed. Zijn werk wordt gekenmerkt door historische nauwkeurigheid, inhoudelijke diepgang en een sterke betrokkenheid bij de gemeenschap.
Praktische informatie
Wat:
Lezing – Van zoenkruis tot guillotine: misdaad en straf in onze regio (16de–19de eeuw)
Datum:
maandag 26 januari 2026
Tijd:
19.30 uur
Locatie:
Brasserie-hotel Antje van de Statie, Stationsplein 1, 6001 CH Weert
Joannes Mathias Luijs (1836–1865) was geen beroemdheid, maar een gewone Weertenaar met een bewogen leven.
Geboren uit een ongehuwde moeder, opgegroeid in armoede en meerdere keren in conflict met justitie, belandde hij uiteindelijk in het
Oranje omkaderd, de ligging van de woningen van de familie Luijs aan de Hoogensteenweg in 1844. Het huisje van Aldegondis Luijs van 25 vierkante meter is met een punaise aangegeven. Bron: https://aezel.eu/en/ontdekken/geografie/minuutplans-grondgebruik.
tuchthuis.Zijn levensverhaal biedt een indringend inkijkje in de sociale werkelijkheid van Weert in de 19de eeuw. Bestuurslid Wil Filott dook in het leven van de Weertenaar Luijs en schreef er een verhaal over.
Lees hier het volledige verhaal over Joannes Mathias Luijs.
Op 25 november 2025 werd de compleet gerenoveerde en aangevulde website www.showeerterland.nl gepresenteerd. Stichtingsvoorzitter en lid van de Aldenborgh ir. Alfons Bruekers onthulde de site tijdens de slotavond van de najaarscursus Weerterlogie.
Hieronder volgt een korte inleiding door Alfons Bruekers:
Website SHOWeerterland is uw toegang tot Weertlands Verleden
Stel u eens voor: alle verhalen, alle boeken, alle artikelen die ooit over de geschiedenis van Weert en de regio zijn geschreven… samengebracht op één plek. Eeuwen aan herinneringen, onderzoek en passie over onze eigen geschiedenis met een paar muisklikken toegankelijk. De nieuwe website www.showeerterland.nl zorgt ervoor dat die wens werkelijkheid is geworden.
Waarom is dat belangrijk? Omdat geschiedenis niet alleen gaat over het verleden, maar ook over wie wij vandaag zijn. Het vertelt ons waar we vandaan komen, hoe onze gemeenschap zich heeft gevormd, en welke lessen we kunnen meenemen naar de toekomst. Onder het motto: Bewaren wat was, vertellen wat is. Tot nu toe waren die verhalen versnipperd: in archieven en in boekenkasten. Vanaf vandaag zijn ze digitaal toegankelijk voor iedereen – amateurs, heemkundeliefhebbers, onderzoekers, scholieren, en nieuwsgierige inwoners.
Showeerterland.
Deze digitale bibliotheek is meer dan een verzameling teksten. Het is een venster naar ons verleden, een ontmoetingsplek voor amateurs en professionals, en een bron van inspiratie voor toekomstige generaties. Vanaf nu hoeft niemand meer te vragen: ‘Waar vind ik dat ene artikel?’ of ‘Wie heeft ooit over dit of dat geschreven?’. Want het antwoord ligt nu binnen handbereik. Simpel, overzichtelijk en gemakkelijk. Probeer hetzelf nu uit!
Na de Wieërter Vastelaoevendj start Stichting De Aldenborgh met een nieuwe voorjaarsreeks van de cursus Weerterlogie. De cursus Weerterlogie blijft een groot succes. Tijdens de laatste cursusavond van de afgelopen reeks werden opnieuw vijftig nieuwe Weerterlogen feestelijk geïnstalleerd. Ook voor de komende voorjaarscursus is de belangstelling groot: sommige deelnemers volgden de cursus zelfs al twee keer.
Cursisten Weerterlogie – najaar 2025.
Acht avonden lang staat de geschiedenis en cultuur van Weert centraal. De cursus biedt een verdieping in wat wordt beschouwd als een parel van het immaterieel erfgoed: het verhaal van de stad en haar inwoners. Inmiddels telt Weert bijna 850 Weerterlogen. De cursus spreekt een breed publiek aan: de jongste deelnemer is 15 jaar, de oudste 94.
Dan weet je wat van je stad
Kennis van de lokale cultuurhistorie vormt een belangrijk onderdeel van het Weerter erfgoed. Tijdens acht cursusavonden verzorgen deskundige sprekers een gevarieerde en toegankelijke introductie in de geschiedenis en cultuur van Weert. Elke cursusreeks wordt afgesloten met een feestelijke installatie, waarbij deelnemers een getuigschrift ontvangen met de tekst: “Dan weet je wat van je stad.”
Voor wie is de cursus?
De avondcursus Weerterlogie is bedoeld voor iedereen met interesse in Weert en haar geschiedenis. Een vooropleiding is niet nodig. De cursus is ook waardevol voor mensen die actief zijn binnen cultuurhistorische verenigingen. Na afloop kunnen deelnemers hun omgeving verrassen met een inhoudelijke rondleiding door Weert. Zo draagt de cursus bij aan meer kennis én meer plezier in stad en regio.
Cursusdata Weerterlogie – voorjaar 2026
25 februari – drs. John van Cauteren
Middeleeuwen en Tachtigjarige Oorlog
4 maart – dr. Henk Hiddink
Prehistorie en oudheid
18 maart – dr. Jos Wassink
Zeventiende en achttiende eeuw
25 maart – Peter Korten
Negentiende eeuw
1 april – drs. John van Cauteren
Weerter kunst
8 april – drs. Theo Schers
Twee wereldoorlogen en interbellum
22 april – dr. Joost Welten
Franse tijd
29 april – drs. Frits Nies
Wederopbouw en afbraak na de Tweede Wereldoorlog
Praktische informatie
Wat:
Cursus Weerterlogie
Startdatum:
woensdag 25 februari 2026
Tijd:
19.00 – 21.00 uur
Locatie:
Ckwartier, Beekstraat 54, 6001 GJ Weert
Kosten:
€ 121,- (betaling geldt als inschrijving)
Aanmelden
Aanmelden kan door € 121,- over te maken op NL31RABO0176968334 ten name van Stichting De Aldenborgh Weert.
Op dinsdag 17 februari 2026 (Vette Dinsdag) vindt de voorbereidende bijeenkomst plaats voor de 20ste editievan de Cultuurhistorische Zomer – Gluren bij de buren. Heemkundigen uit Belgisch en Nederlands Limburg en Noord-Brabant komen hiervoor samen in Kessenich, in de Sjottekamer. De bijeenkomst start om 14.00 uur.
Vergadering Cultuurhistorische Zomer in 2025.
Tijdens deze bijeenkomst wordt teruggeblikt op de succesvolle editie van 2025 en worden de plaatsen vastgesteld waar in de zomer van 2026 “gegluurd” zal worden. Dit alles in een informele sfeer, onder het genot van het Belgische geestrijke erfgoed.
Gluren bij de buren is inmiddels niet meer weg te denken van de kalender van heemkundigen en liefhebbers van het lokaal erfgoed. Wat begon als een eenmalige cultuurhistorische zomeravondwandeling in Molenbeersel in 2005, is uitgegroeid tot een geliefd en grensoverschrijdend evenement. In 2026 wordt met trots de 20ste editie georganiseerd.
Overigens wordt in mei 2026 in Kessenich herdacht dat een ander grensoverschrijdend evenement, het Oud Limburgs Schuttersfeest, 150 jaar geleden zijn eerste editie kende in deze grensplaats. Daarmee vormt Kessenich in 2026 opnieuw het decor voor het vieren van gedeeld cultureel erfgoed over de grenzen heen.
De doorgang tussen de fietsenstalling en de stationshal in Weert heeft een nieuwe functie gekregen. In samenwerking met stationsmanager Rebecca Boelhouwers richtte geschied- en oudheidkundige vereniging De Aldenborgh de ruimte in als plek voor tijdelijke tentoonstellingen over de geschiedenis van Weert. Onder de naam Project “Kijkdoos” worden reizigers voortaan verrast met wisselende exposities. De eerste tentoonstelling is van Fotogroep Weert, ter gelegenheid van haar 75-jarig jubileum.
Project Kijkdoos geopend.
Project Kijkdoos in station Weert.
De officiële opening vond plaats op dinsdag 4 november in aanwezigheid van vertegenwoordigers van de NS, De Aldenborgh, Fotogroep Weert en andere betrokkenen. Volgens Aldenborgh-voorzitter Peter Korten beschikt “het mooiste station van Nederland nu over een permanente tentoonstellingsruimte over de Weert- en wereldgeschiedenis.”
Het initiatief geeft het station een extra culturele uitstraling en markeert het begin van een duurzame samenwerking. De Aldenborgh spreekt haar grote dank uit aan de vrijwilligers en de weldoener die dit project mogelijk hebben gemaakt. Project Kijkdoos brengt de geschiedenis van Weert op een toegankelijke en creatieve manier tot leven.